11 zomerbloeiers voor een uitbundige bloemenzee in de tuin

Tijdens de lente kunnen we genieten van de natuur die weer tot volle wasdom komt. In de zomer gaat daar nog een schepje bovenop, met vele rijkbloeiende heesters en vaste planten. We zetten 11 zomerbloeiers op een rij, die zorgen voor een uitbundige bloemenzee in de tuin.

Altheastruik: Hibiscus syriacus

De altheastruik of tuinhibiscus komt eind juli tot eind augustus tot bloei en is dus een mooie optie om de periode tussen hoogzomer en de herfst te overbruggen. Ze zijn er met paarse, blauwe, roze en witte bloemen. Ze groeien met de jaren uit tot flinke struiken, maar zijn heel goed te snoeien en zo in het gewenste formaat te houden. Het hoeft overigens niet, want ook zonder snoei blijven ze het goed doen. Ze worden ook wel op stam verkocht en zijn dan met snoei in bolvorm te houden. Ze staan graag op een zonnige, maar wat beschutte plek. In de volle zon zullen ze wat minder rijk bloeien.

Annabelle hortensia: Hydrangea arborescens (Strong) Annabelle

Annabelle hortensia’s hebben indrukwekkend grote, bolvormige bloemen van wel 25 centimeter groot. Ze zijn er in het wit(groen) en in het roze. In het najaar verkleuren ze naar bruin en ze blijven de hele winter sierwaarde houden. Met 1 exemplaar heeft u al een bloemenzee, maar ze lenen zich ook heel goed om er groepjes van bij elkaar te planten voor nog meer effect. Ze staan graag op een plek in de halfschaduw. In de felle zon kunnen de bloemen wat verbranden. Bij hitte en droogte zullen de takken gaan hangen, maar ze herstellen zich snel. Geef tijdig water om uitdrogen te voorkomen.

Annabelle hortensia

Klokjesbloem: Campanula

Bij de klokjesbloem kunt u kiezen uit vele soorten en maten. Heeft u er liever eentje die zich met talloze kleine klokjes kruipend over de grond uitbreidt, die met grote klokjes de hoogte in gaat of iets er tussenin? Het kan allemaal. En dat in de kleuren wit, roze, paars of lila. Als ze eenmaal in bloei komen blijven ze dat wekenlang doen. Ze laten zich qua groeivorm en kleuren heel goed combineren met bijvoorbeeld lavendel of rozen.

Campanula

Lavendel: Lavandula

De lavendel ziet er niet alleen zomers uit, zo ruikt hij ook. Lavandula angustifolia is een soort die veel te koop is en het goed doet in de Nederlandse tuin. Zet hem daarvoor op een zonnig plekje, met een niet te voedselrijke bodem. Door hem 2 maal per jaar te snoeien houdt u hem vol. In maart fors, tot net boven het kale hout en vervolgens na de bloei slechts de uitgebloeide bloemen. De kuiflavendel (Lavandula stoechas) is een leuke afwisseling en komt al wat eerder tot bloei. Nadeel is dat hij wat minder goed tegen vorst kan, dus bij een strengere winter kunt u er vaak maar 1 seizoen van genieten.

Lavendel

Lupine: Lupinus

De indrukwekkende bloei van de lupine start in de maanden mei of juni en geeft volle trossen tot wel 50 centimeter hoogte. Naast de bloemen heeft ook het blad zeker sierwaarde. Staan ze op een plek waar ze zich fijn voelen (zonnig, in een goed water doorlatende en niet te voedzame grond), dan zijn het hele sterke planten, die rijk zullen bloeien. Als de bloemen zijn uitgebloeid, ontstaan er peulen aan de plant. Door die te verwijderen gaat daar geen energie aan verloren en volgt er vaak nog een 2e, iets minder rijke bloei. Mocht u de peulen liever laten zitten, dan heeft dat als voordeel dat ze dan de kans krijgen zich uit te zaaien.

Lupine

Ridderspoor: Delphinium

Riddersporen zijn echte zonliefhebbers en staan niet graag in te natte grond, maar moeten bij zomers weer wel genoeg water krijgen. Geef dat water bij voorkeur niet op de plant, maar via de grond, om smetten te voorkomen. Als ze te lang op dezelfde plek blijven staan worden ze langzaamaan slechter. Verplant en deel ze (zo nodig) daarom elke 2 á 3 jaar. Ze zijn er in het wit, paars, roze en prachtige blauwtinten. Ridderspoor leent zich uitstekend om een 2e keer tot bloei te komen. Snoei daarvoor na de 1e bloei de stengels tot zo’n 30 centimeter boven de grond terug en bemest ze. De meeste bloemstengels worden erg hoog en zijn vrij kwetsbaar. U doet er daarom goed aan ze te ondersteunen zo gauw ze tevoorschijn komen. Riddersporten uit de Belladonna-groep blijven compacter van formaat dan die uit de Elatum-groep, die flink hoog kunnen worden.

Ridderspoor

Roos

Als er 1 plant romantiek in de tuin brengt, dan is het de roos wel. U kunt kiezen voor trosrozen, struikrozen, rozen op stam, klimrozen of heesterrozen. Maar soms is het nog veel leuker om niet te kiezen en ze gewoon allemaal te planten. Plaats ze op een zonnige plek in de tuin, in goede grond of verbeter de bodem op de standplaats door de grond voor het planten diep om te spitten en verteerde koemest of compost in het plantgat aan te brengen. Voorzie uw rozen van voldoende water en geef dit altijd via de grond om schimmels te voorkomen. Elke roos moet op een bepaalde manier gesnoeid worden. Kweker en hovenier Krijn Spaan geeft u er tips over.

Roos

Salie: Salvia

Salvia’s zijn populair vanwege hun rijke bloei en vele bloemkleuren. Ze doen het op veel grondsoorten goed en zijn mooi met andere zomerbloeiers te combineren. Enige nadeel is dat sommige soorten niet echt winterhard zijn, dus na een wat strengere winter bent u ze vaak kwijt. Maar u kunt ook voor hardere soorten kiezen, als u er gegarandeerd langere tijd van wilt genieten. Bijvoorbeeld voor de Nemorosa ‘Mainacht’ (donkerpaars), Nemorosa ‘Ostfriesland’ (paars), Uliginosa (azuurblauw) of Verticillata ‘Purple Rain’ (paars). Door de uitgebloeide bloemen uit de plant te knippen, zal de Salvia opnieuw tot bloei komen. Ook mooi zijn kuifsalvia’s. Over het algemeen overleven die de winter niet, maar tijdens onze steeds zachtere winters kunnen ze toch al wel soms buiten overwinteren.

Salvia

Stokroos: Alcea rosea

Stokrozen komen vanaf juni in bloei en in het najaar zaaien ze zichzelf vaak rijkelijk uit. Het jaar erop komen die zaailingen dan tot bloei (ze zijn namelijk 2-jarig). Het aparte is dat ze dan vaak een heel andere kleur hebben, want ze zaaien zich niet kleurvast uit. Aangezien ze behoorlijk de lucht in kunnen gaan, is het handig stokrozen tegen een muur aan te planten. De wind heeft dan minder vat op ze. Een plekje in de volle zon vinden ze heerlijk, maar in de halfschaduw doen ze het ook nog wel goed. Helaas zijn ze bevattelijk voor schimmel, dus op den duur moet u ze vaak vervangen, als ze dan niet al uit zichzelf gedaan hebben.

Stokroos

Vlinderstruik: Buddleia

Alleen al om de vlinders en bijen een plezier te doen is een vlinderstruik een hele goede keuze voor de zomertuin. Maar ook om zelf van de rijke bloei te genieten. Ze zijn er met witte, roze, paarse en gele bloemen. En u kunt kiezen voor de gewone vlinderstruik, die behoorlijk uit de kluiten kan groeien of voor de dwergvlinder, die zeer compact van formaat blijft. Vroeg in het jaar (februari-maart) moet de vlinderstruik teruggesnoeid worden en dit mag best rigoureus gebeuren. Zo blijft de struik extra mooi groen en vertakt en zal hij door de jaren heen niet steeds kaler worden. Door ook steeds de uitgebloeide bloemen te verwijderen kan de bloei flink uitgestrekt worden.

Vlinderstruik

Zonnehoed: Echinacea

Voor de zonnehoed moeten we even geduld hebben tot de julimaand. Dan komt hij vlammend tot bloei en dat kan wel aanhouden tot in oktober. Zoals zijn Latijnse naam, Echinacea, al doet raden wordt deze plant niet alleen in de tuin gebruikt, maar ook in de geneeskunde. Vlinders en bijen zijn dol op zijn bloemen en ook in de winter blijven die sierwaarde houden. Het zijn sterke planten, met stevige stengels, die over het algmeen niet ondersteund hoeven te worden. Ze staan graag op een zonnige plek en zijn vrij goed bestand tegen wat drogere periodes. Ze zijn mooi in groepen bijeen, maar kunnen ook prima met andere zomerbloeiers gecombineerd worden.

Tijdens de zomermaanden kunnen er ook veel tijdelijke groene bewoners aan uw tuin toegevoegd worden, zoals eenjarigen, terrasplanten en sommige kamerplanten.

Lees ook: hortensia’s snoeien, hoe en wanneer moet dit gebeuren?

Geef een reactie