zoetjes

Voedingstip: zoetjes voor in de koffie en thee

Wie geen suiker in de koffie of thee wil, maar wel de zoete smaak, kan een zoetje nemen. Maar wat zit daar precies in en zit er verschil in soorten zoetjes?

Calorieën

In een zoetje zitten zoetstoffen. Zoetstoffen vervangen suiker, of een deel daarvan. Ze zorgen ervoor dat uw koffie zoet smaakt, maar ze bevatten minder of geen calorieën. Redenen waarom mensen zoetjes gebruiken zijn, omdat ze op hun gewicht of bloedsuikerspiegel willen letten of minder suiker willen gebruiken. Ter vergelijking: in een klontje suiker zit 16 calorieën. In zoetstoffen geen of vrijwel geen. Drinkt u dagelijks 4 kopjes koffie met 2 klontjes suiker, dan scheelt dat zo’n 130 calorieën per dag.

Zoetstoffen in zoetjes

Zoetstoffen die voor komen in producten voor de koffie zijn bijvoorbeeld Aspartaam, Acesulfaam-K, Cyclamaat, Saccharine, Sucralose, Stevioglycoside en Isomalt. Hoe zoetstoffen gemaakt worden verschilt. Soms komen ze van een boom of plant, zoals xylitol of stevia. Er zijn ook zoetstoffen die in de fabriek worden gemaakt, zoals aspartaam en cyclamaat.

Vorm zoetstoffen

Zoetstoffen voor in de koffie zijn verkrijgbaar als zoetjes, poeder of als vloeibaar product. Welk merk of welke vorm u gebruikt, maakt niet uit. Wat u zelf het gemakkelijkst vindt.

Etiketten lezen

Welke zoetstof is gebruikt staat op het etiket bij ingrediënten. Als er een zoetstof is gebruikt, moet dit er altijd op staan. Alle zoetstoffen die in producten gebruikt mogen worden hebben een E-nummer. Dit betekent dat ze goed zijn onderzocht, goedgekeurd zijn en veilig gebruikt kunnen worden. Pas als zeker is dat de stof niet schadelijk is voor de gezondheid en u er niet te veel van binnen kunt krijgen, krijgt een stof een E-nummer. De E staat voor Europese Unie. Zoetstoffen zonder E-nummer komen niet in een product terecht.

Mensen met PKU

Producten met de zoetstoffen aspartaam of aspartaam-acesulfaamzout (E 951 en E 962) zijn niet geschikt voor mensen met de erfelijke aandoening fenylketonurie (PKU). Aspartaam bevat namelijk het aminozuur fenylalanine. PKU-patiënten kunnen dit niet afbreken, waardoor het zich opstapelt in de hersenen. Daarom moet er op producten met aspartaam of aspartaam-acesulfaamzout (E 951 en E 962) staan: ‘bevat aspartaam (een bron van fenylalanine)’ of ‘bevat een bron van fenylalanine’.

(Bron: Voedingscentrum)

Geef een reactie

Reactie

  1. oosterwijck says:

    Het is nu nog wachten op een nieuw schandaal. Dat schandaal zal zijn: Dat er toch gevaarlijke bijwerkingen zijn van chemisch geproduceerde zoetstoffen.