Een poging tot vrolijk verval

In de MAX-documentaire Een poging tot vrolijk verval volgen de makers 3 jaar alzheimerpatiënt Eric van Neure. Eric, Vwo-docent Nederlands, is 59 jaar als hij in 2012 de diagnose Alzheimer krijgt. Met humor, zelfspot en steun van de nieuwe liefde in zijn leven denkt hij de ziekte te kunnen dragen. “Ik doe een poging tot vrolijk verval”, neemt hij zich voor. Lange tijd maakt hij dat voornemen waar. 

Het gaat naar omstandigheden goed met Eric

De makers en de familie van Eric van Neure hebben na de  uitzending van Een poging tot vrolijk verval ontzettend veel mooie, en ontroerende reacties gekregen. Eric gaat verder achteruit, maar naar omstandigheden gaat het goed met hem. Hij woont nog steeds in Zorgboerderij Reigershoeve, en voelt zich daar thuis.

Eric heeft de film zelf gezien en voelt zich trots. Dit is wat hij graag wilde. Mensen laten zien dat je ook op een andere manier met Alzheimer kan omgaan. Voor zover de ziekte het toelaat. Wees niet bang het kenbaar te maken en durf om hulp te vragen. Zijn vrouw Patricia is zijn grote rots in de branding. Zij haalt Eric nog steeds elk weekend op.

Verwoestende aftakeling

De MAX-documentaire biedt een aangrijpend beeld van het dagelijks leven van een alzheimerpatiënt en zijn dierbaren. Op tal van momenten wordt Eric gefilmd: thuis, in de sportschool, op familiebezoek, tijdens de sporadischer wordende uitstapjes en bij de gesprekken met zijn arts; neuroloog Niels Prins van het Brain Research Center. Liefde, boosheid, angst, verdriet, twijfel en ongeduld: alle emoties rond de verwoestende aftakeling van Eric komen aan de orde. Hij verwoordt in de documentaire indringend hoe zeer de Alzheimer hem in de greep krijgt. Het ‘vrolijke verval’ raakt uit beeld.

Het verpleeghuis

Zo’n 270.000 Nederlanders lijden aan dementie. In 2055 is dat opgelopen tot naar schatting bijna 700.000. Door bezuinigingen in de zorg moeten deze mensen zo lang mogelijk thuis wonen. Met inzet van dierbaren en een ‘dementie-vriendelijke’ samenleving moet de gang naar een verpleeghuis worden uitgesteld. Ook Eric en zijn vrouw Patricia nemen het zich voor. Het stel is ervan overtuigd dat Eric in ieder geval nooit in een verpleeghuis mag eindigen. Zij gaan het samen, en met hulp van de omgeving, redden. Aanvankelijk gaat dat prima. Eric trekt er nog enthousiast en zelfstandig op uit. Hij schroomt niet op straat hulp te vragen als iets hem niet meer lukt. Hij geniet van het samenzijn met zijn vrouw, kinderen en broers.

“Ik verlies de grip”

Dan gaat Eric in de loop van 2017 zienderogen achteruit. Zijn vrouw kan de mantelzorg in combinatie met haar intensieve baan nog maar net aan. Erics spraak, zicht en geheugen laten hem steeds vaker in de steek. “Ik verlies de grip op het bestaan”, zegt hij. Liefde, zelfspot en goede bedoelingen blijken onvoldoende. Eric kan niet langer thuis wonen, ondanks een planbord vol namen van buren, vrienden en familie die voor Eric willen zorgen. Als een angstig vogeltje verhuist hij naar een verpleeghuis. “Ik wil dood.”, verzucht hij. Artsen oordelen dat Eric ondraaglijk en uitzichtloos lijdt. Ze stemmen in met zijn euthanasieverzoek. Maar dan aarzelt Eric. Moet hij uit het leven stappen nu hij nog wilsbekwaam is? Of toch nog genieten van wat er is? “Het is een moeilijke beslissing. Ik heb redenen om te blijven leven. Maar het verval is niet vrolijk. Dat weet ik nu zeker.”

De documentaire Een poging tot vrolijk verval wordt uitgezonden naar aanleiding van de Wereld Alzheimerdag op vrijdag 21 september 2018. Jeanique de Ridder deed de research en de regie, Sigrid Muusse de montage en eindredactie.

De documentaire is te zien op zondag 23 september 2018 om 19.20 uur op NPO 2. De herhalingen zijn op 17 oktober en 17 november 2018. De herhaling van 17 november 2018 is om 16.05 uur te zien op NPO 2. Tijd voor MAX besteedt op 21 september 2018 aandacht aan de documentaire. 

Geef een reactie

Reactie

  1. Jilles55 says:

    Deze documentaire greep mij erg aan ook omdat mijn vader het had en herstellende ben van een hersenbloeding bijna een jaar geleden, ik heb er een traantje bij gelaten.