Tip 18: vogels in de winter

Voor veel vogels is de winter een moeilijke periode. Er zijn dan weinig insecten te vinden en daardoor zijn ze voor hun voeding vaak afhankelijk van de mens. Ik ben er een voorstander van om de tuin in het najaar niet kaal te maken. Dit is beter voor de vaste planten, maar ook de vogels zijn hier blij mee, want tussen al dat blad en de afgestorven planten is altijd iets eetbaars te vinden. Bij strenge koude is dit ook een schuilplaats voor veel vogels en ook de egels kunnen onder een dik pak bladeren overwinteren. Zorg dat er een aantal heesters met bessen in de tuin staan, zoals bijvoorbeeld Callicarpa, Vlierbessen, Meidoorn, Sierappels, Hulst, Gelderse roos, Gaultheria en Cotoneaster. Ook kan men zelf bessen oogsten van bijvoorbeeld Lijsterbes en Vlierbessen en deze op een koele plaats bewaren om ze in de winter aan de vogels te voeren. Ook kan men zaden oogsten, drogen en bewaren om in de winter te voeren. Geschikt hiervoor zijn onder andere zaden van distels, brandnetels – als de zaadtoppen bruin worden -, weegbree – alleen de aren plukken – en meldesoorten zoals Atriplex. Ook kan men zaden van eiken en beuken verzamelen, goed drogen. En ook zaden van zonnebloemen zijn prima voor de vogels. Alleen voeren bij vorst, sneeuw, ijzel of aanhoudende regen. Dit laatste vooral voor kleine vogels.

Bron: MAX Magazine – Editie nr. 6 2020

Geef een reactie