Nu planten: 6 mooie soorten bloembollen voor de lente en planttips

Niets fijners dan in het najaar alweer bezig te zijn met de lente. Door nu bloembollen te planten kunt u vroeg in het erop volgende jaar genieten van bloemen in de tuin. We zetten 6 mooie, wat minder vaak gebruikte exemplaren op een rij en hebben tips voor de aanplant van bollen.

Planttijd

Voorjaarsbollen kunnen in het najaar vanaf half september tot december geplant worden. Des te eerder u ze plant, des te eerder ze het jaar erop zullen bloeien. Vroegbloeiers, zoals het sneeuwklokje, kunnen in januari al voor kleur in de tuin zorgen en (late) tulpen trekken dit tot wel ver in mei door. Het beste is de bollen te planten voor de eerste nachtvorst en wanneer het niet al te nat is buiten. Kou, in combinatie met nat weer, kan er namelijk voor zorgen dat de bollen anders bevriezen en/of rotten.

Hoe planten?

De plantdiepte is afhankelijk van de bolgrootte. Houd een diepte van 2 á 3 keer de grootte van de bol aan. Kleine bolletjes komen dus redelijk ondiep te liggen en grote bollen, zoals de tulp en narcis, wat dieper. Plaats de bollen met de punt naar boven en het brede gedeelte naar beneden. Grote bollen zo’n 7 tot 20 cm uit elkaar en kleine bollen 3 tot 7 cm. Heeft u weinig ruimte of plant u de bollen in een pot, dan kunt u ook ‘lasagnebeplanting’ toepassen. Hiervoor plant u de bollen in laagjes boven elkaar. U begint met de grootste bollen, die het diepst komen, vervolgens een laagje aarde en dan de volgende bolsoort, tot u bij de kleinste bolsoort aankomt. Op deze manier heeft u maandenlang plezier van bollen die elkaar opvolgen in bloei. Plant u de bollen aan in een drogere periode, geeft dan na het planten water, zodat ze goed aanslaan.

lasagne beplanting

Plek

Kies een plek uit waar de bloembollen niet te nat staan. Dus niet op een plek waar vaak plassen water blijven staan. Dan kunnen ze namelijk wegrotten. De meeste bloembollen hebben enkele uren zon per dag nodig om het goed te doen. Plant de bollen dus niet op een te donkere plek. Het voordeel is wel dat wanneer zij in bloei staan, veel andere planten en bomen nog geen blad hebben en de zon dus vrij spel heeft. Kies tenslotte bij voorkeur een plek uit waar u ze vanuit huis goed kunt zien, zodat u er juist ook binnen van kunt genieten.

Na de bloei

Veel bolsoorten kunt u jaar na jaar in de grond laten zitten. Sneeuwklokjes en krokussen bijvoorbeeld zullen zich dan ook vaak vermeerderen, zodat u er na verloop van tijd alleen maar meer van krijgt. Sommige bolsoorten worden echter na enkele jaren minder of verdwijnen zelfs helemaal. Die kunt u dan weer vervangen door nieuwe exemplaren. Bloembollen zijn daarom te onderscheiden in 3 soorten: enkeljarige, meerjarige en verwilderingsbollen. Enkeljarige bollen zijn in jaar 1 op hun mooist en komen het jaar erop ook nog op. Na verloop van tijd is de bloei echter over. Meerjarige bollen bloeien meerdere jaren achter elkaar mooi. Verwilderingsbollen komen ook elk jaar terug en breiden zich daarnaast steeds meer uit.

Wel of niet in de grond laten zitten?

Bloembollen kunt u na de bloei gewoon in de grond laten zitten. Met vaste planten en ander groen in de tuin gaan ze vanzelf weer uit het zicht. Wilt u de bollen tijdens de zomermaanden toch uit de grond halen en ze weer in het najaar planten, zorg dan dat het loof eerst afgestorven is. De bollen halen namelijk veel energie uit het groen en hebben dit nodig om het jaar erop weer tot bloei te komen.

Anemoon: Anemone blanda

Herfstanemonen sieren inmiddels vele tuinen, maar de mooie voorjaarsanemoon Anemone blanda nog veel minder. Terwijl het een zeer dankbaar bolgewas is, met prachtige lila, roze of witte bloemen. Ze komen in maart-april tot bloei en verwilderen met de jaren, zodat u er op den duur steeds meer van terug ziet.

Anemone blanda

Dwerg iris: Iris reticulata

De dwerg iris bloeit vroeg in het jaar (februari-maart) met mooie paarsblauwe bloemen. Ze zijn ook prima geschikt voor potten. Zorg dan wel voor een goed gedraineerde pot, met gaten waar het overtollige water gemakkelijk uit kan stromen. En geef de bolletjes een plek in de zon.

Iris reticulata

Keizerskroon: Fritillaria imperialis

De keizerskroon is met zijn oranje (of gele) kelken een opvallende verschijning. Hij bloeit veelal vanaf april en heeft als voordeel dat hij vanwege zijn sterke geur mollen en woelmuizen op afstand houdt. Plant u de bollen in erg natte grond, dan is het raadzaam de bollen op hun zij te leggen. Anders kan er water blijven staan in de holte aan de bovenkant van de bol en kan die wegrotten.

Fritillaria imperialis

Kievitsbloem: Fritillaria meleagris

In het wild is de kievitsbloem een bedreigde soort, maar inmiddels siert de tuinvariant gelukkig ook steeds meer tuinen. De delicate, papierachtige klokjes in purperen (of witte) kleuren vallen misschien niet zo op als familielid de Keizerskroon, maar zijn van dichtbij een genot om naar te kijken. Ze komen tot bloei in de periode april-mei.

Fritillaria meleagris

Sierui: Allium

De sierui wordt net als andere voorjaarsbollen in het najaar geplant, maar zijn bloeitijd ligt wat later. Met zijn bloei in mei-juni kan hij het daarom heel mooi overnemen van bijvoorbeeld tulpen en hyacinten.

Fritillaria meleagris

Vogelmelk: Ornithogalum umbellatum

Van vogelmelk is de lange, goed houdbare snijbloem maar al te bekend, maar in het voorjaar is Ornithogalum umbellatum daarnaast een erg geschikt bolgewas voor in de tuin. Hij komt in de maanden maart-april tot bloei met vrolijke witte bloempjes.

Ornithogalum umbellatum

Voorjaarsbollen zijn ook leuk om in huis (of op het balkon) van te genieten. Bekijk ook ons artikel: voorjaarsbollen in pot. 
En naast bollen meer kleur brengen in uw voorjaarstuin? Bekijk dan onze suggesties voor vrolijke lentebloeiers.
Lees ook: de tulp, voor altijd één van onze nationale symbolen. 

(Bron: Krijns groentips, Groei & Bloei, Sprinklr, Intratuin, Tuinadvies, Tuin.nl, Rob’s Tuinplanten)

Geef een reactie