Kindje op moeders schoot: Tolmiea menziesii

De Tolmiea menziesii, met zijn de charmante Nederlandse naam Kindje op moeders schoot, heeft zijn naam te danken aan het feit dat er op de plant zelf (op schoot) nieuwe plantjes ontstaan. Met zijn frisse, geelgroene, zachte blad is hij daarnaast ook gewoon erg prettig om te zien.

Standplaats

De Tolmiea houdt van een lichte plek, zonder direct zonlicht en een iets donkerder plek wordt ook verdragen. Oorspronkelijk komt de plant Noord-Amerika, waar hij te maken krijgt met temperaturen onder nul, maar hij is ook bestand tegen kamertemperaturen. In de winter vindt hij het wel fijn om wat minder warm te staan en dan kunt u hem bijvoorbeeld in een ruimte in huis zetten waar de verwarming niet aan staat en de temperatuur tussen de 10 en 15 graden ligt. Hij is zeer geschikt als hangplant, maar kan ook in een hoge pot geplaatst worden.

Water geven

Houd de grond steeds licht vochtig en geef hiervoor kleine beetjes water. Zomers is 2 keer in de week meestal voldoende. ’s Winters en bij koelere temperaturen verbruikt hij minder water en dan is 1 keer in de week meestal voldoende om de kluit steeds net licht vochtig te houden. De plant heeft een hekel aan droge lucht en droge grond. Droogt de plant uit en staat hij ook nog eens op een zonnige plek, dan zal hij in recordtijd verdorren.

Tijdens de lente en de zomer heeft hij extra voeding nodig. Geef hem dan elke 2 weken plantenvoeding tijdens het gieten.

‘Kindjes’

Het vermeerderen van de Tolmiea doet de plant, net zoals bijvoorbeeld de pannenkoekplant eigenlijk zelf al voor u. Wat fijn is, want de plant wordt in huis op den duur minder mooi en zo kunt u op tijd weer voor jonge plantjes zorgen. Op de bladeren ontstaan aan de basis van het blad piepkleine nieuwe plantjes (kindjes). In de natuur wordt het nieuwe plantje uiteindelijk zo zwaar, dat het oude blad de grond raakt, waarna het plantje op die plek uitgroeit tot een volwaardig nieuw exemplaar. Zo gaat hij dus te werk als een bodembedekker.

Tolmiea menziesii

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Als u een kindplantje wilt laten uitgroeien tot nieuwe plant kunt u wachten tot het plantje iets groter gegroeid is en het dan in een eigen potje zetten. Knip hiervoor het blad waarop het gegroeid is met een klein stukje steel af en plaats dat in een potje met stekgrond of wat potgrond. Zorg dat het plantje niet onder de aarde komt, maar die aarde wel raakt, zodat hij kan wortelen. Doe vervolgens een plastic zakje over het potje heen of plaats het plantje in een mini-kas. Voorzie hem van water door elke dag met de plantenspuit te sproeien. Na verloop van tijd vergaat het moederblad en zo gauw het plantje goed geworteld is kan hij naar zijn uiteindelijke plek verhuizen.

Aangezien de Tolmiea het ook in onze Nederlandse tuinen goed doet, dus u kunt de jonge plantjes ook eventueel buiten uitplanten. Houd daarbij wel rekening met zijn uitbreidingsdrang. Erg koude en natte winters zijn overigens meestal wel funest.

Verpotten

Omdat de plant in huis meestal niet zo lang mee gaat hoeft u hem waarschijnlijk slechts één keer te verpotten voor u hem eventueel vervangt door een kindplantje. Geef hem in het voorjaar desgewenst een maatje grotere pot en voorzie hem van verse potgrond.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

In de maanden mei en juni kunnen er kleine, bruine bloemen aan de plant komen.

Geef een reactie