Palmolie zit overal in, is omstreden, maar hoe slecht is dit product nu echt?

Het gebruik van palmolie heeft zo’n grote vlucht genomen, dat het inmiddels in 60 procent van al onze levensmiddelen zit. Ook voor cosmetica, schoonmaakmiddelen en (bio)diesel wordt het in toenemende mate gebruikt. In hoeverre is dat slecht nieuws voor onze gezondheid en het milieu?

Wat is palmolie?

Palmolie wordt gewonnen uit het vruchtvlees van de palmvrucht van de oliepalm. Palmpit-olie uit het zaad van deze palm. De olie heeft geen eigen smaak en verbetert de smeerbaarheid van producten of maakt deze luchtig of knapperig. Het is de opvolger van transvetten, die voorheen veel in levensmiddelen verwerkt zijn. Transvetten hebben gunstige eigenschappen om voedsel als koekjes of margarine bijvoorbeeld een goed mondgevoel te geven, maar het nadeel is dat ze net zo ongezond zijn gebleken als verzadigde vetten. Veel fabrikanten zijn na die conclusie overgestapt op palmolie.

Gezondheidsproblemen

Van plantaardige vetten wordt over het algemeen aangenomen dat ze gezond zijn. In het geval van palmolie gaat dat echter niet op. Die olie bestaat namelijk voor ruim de helft uit verzadigd vet, wat het risico op hart- en vaatziekten vergroot, omdat dit het LDL-cholesterol verhoogt. Hoe harder een vet is, hoe meer verzadigde vetten het bevat en hoe ongezonder het is. Palmolie is bij kamertemperatuur harder dan olijf- en zonnebloemolie en daarmee een ongezondere optie. Vanwege het verzadigde vet staat palmolie dan ook niet in de Schijf van Vijf en bij producten waarin het verwerkt zit hangt het af van de hoeveelheid daarvan.

Waar zit het allemaal in?

Inmiddels bevat 60 procent van alle levensmiddelen palmolie, maar ook cosmetica en schoonmaakmiddelen bevatten in toenemende mate palmolie. Daarnaast wordt er (bio)diesel van gemaakt. In het geval van voedsel zit het in producten als babyvoeding, pindakaas, koekjes, slaolie en kant- en klaarmaaltijden. Op het etiket is palmolie te herkennen als palmvet of kortweg palm. Vaak zit er ook een mengsel van oliën in een product, dat dan onder de noemer ‘bevat plantaardige olie (palm)’ erop staat. Bij schoonmaakmiddelen en cosmetica is het lastiger om te ontdekken of er palmolie in zit, omdat er zeer uiteenlopende namen voor gebruikt worden.

Omstreden product

Palmolie is een goedkope oliesoort en de vraag ernaar blijft nog steeds toenemen. Vanwege praktijken als landroof, mensenrechtenschendingen en de kap van regenwoud is de winning ervan omstreden. In de productielanden wordt veel tropisch regenwoud en tropisch veenland opgeofferd om oliepalmen aan te planten. De arbeidsomstandigheden zijn er vaak slecht. Door de ontbossing komt er veel broeikasgas vrij en door het gebruik van bestrijdingsmiddelen is er veel vervuiling. Daar komt bij dat het vloeibare afval dat ontstaat bij het uitpersen van de palmvruchten vaak in rivieren wordt geloosd. Dit onttrekt zuurstof aan het water, met vissterfte tot gevolg. Wat de lokale voedselvoorziening weer onder druk zet. Moderne palmolie-molens zijn gelukkig wel steeds vaker voorzien van zuiveringsinstallaties.

Duurzame palmolie?

Veel van de geproduceerde palmolie is inmiddels RSPO gecertificeerd. RSPO staat voor Roundtable on Sustainable Palm Oil (Ronde Tafel Duurzame Palmolie). Het is in 2004 opgezet door bedrijven en maatschappelijke organisaties en er vallen ruim 3.400 leden onder. Aangesloten palmolieproducenten mogen hun plantages niet uitbreiden ten koste van tropisch regenwoud en gebieden met een hoge biodiversiteit. Ook zijn er criteria voor het respecteren van de rechten van werknemers en de lokale bevolking. Daarnaast heeft de RSPO verschillende handelssystemen opgezet waarmee duurzame palmolie in verschillende vormen kan worden opgenomen.

Niet onomstreden

Producten met palmolie erin worden bijna nooit zichtbaar voorzien van een keurmerk voor duurzaamheid. Toch is in de Nederlandse voedingsmiddelenindustrie 90 procent van de gebruikte palmolie gecertificeerd volgens een duurzaamheidsstandaard. Het RSPO-keurmerk is echter niet onomstreden. Ook gecertificeerde palmolie kan namelijk nog geen 100 procent garanties bieden voor teelt zonder ontbossing. Maatschappelijke organisaties hebben daarnaast kritiek op het RSPO-keurmerk, omdat zij de eisen niet ver genoeg vinden gaan en er misstanden zijn. Een organisatie als Greenpeace zet er bijvoorbeeld vraagtekens bij.

Uitbannen dan maar?

Aangezien er (nog) geen echt duurzame alternatieven zijn en er inmiddels zoveel mensen economisch van afhankelijk zijn, is het uitbannen van palmolie geen verstandige keuze stelt Peter Oosterveer, hoogleraar Milieubeleid aan de Wageningen Universiteit tegenover NRC. Het is daarom volgens Oosterveer verstandiger om na te denken over structurele oplossingen en te zoeken naar mogelijkheden om palmolie duurzamer te maken. Een boycot van alle palmolie heeft onbedoelde negatieve sociale en milieugevolgen. En het zal geen einde maken aan de vernietiging van het tropisch regenwoud.

Hoe is uw palmolie-inname te verminderen?

Wilt u vanwege de effecten op de gezondheid en het milieu nu toch al minder producten gebruiken die palmolie bevatten? Dat kunt u eenvoudig bereiken door zoveel mogelijk de Schijf van Vijf aan te houden. Op margarine na staan hier vooral onbewerkte producten in, die sowieso al geen palmolie bevatten, zoals zilvervliesrijst, groenten, fruit, zuivel en vloeibare vetten als olijfolie. Wie palmolie met mate binnen krijgt, bijvoorbeeld door het eten van brood met margarine hoeft zich overigens zeker geen zorgen te maken. Het eten van 5 boterhammen met margarine komt neer op zo’n halve gram palmolie per dag. Martijn Katan, emeritus hoogleraar voedingsleer aan de Vrije Universiteit, stelt tegenover het AD dat tot een gram per dag geen enkele kwaad kan.

Lees ook: ongezonde transvetten in de ban.
Voedingstip: kokosvet. 
Voedingstip: olijfolie. 

(Bron: Voedingscentrum, Milieu centraal, Milieudefensie.nl, ANP, AD, NRC, Radar)

Geef een reactie