Rolstoelgebruikers komen nog te vaak de bus niet in

De bus is voor mensen in een rolstoel nog te vaak niet toegankelijk. In veel gevallen is de automatische rolstoelplank defect of biedt de buschauffeur onvoldoende assistentie bij het betreden, plaatsnemen of verlaten van de bus. Dat blijkt uit onderzoek in opdracht van het College voor de Rechten van de Mens.

Anonieme testritten

Tijdens het onderzoek, uitgevoerd door DTV Consultants, hebben ruim 450 anonieme rolstoelgebruikers testritten uitgevoerd in het openbaar busvervoer. Bij 8 procent van de pogingen om de bus te nemen is de rolstoelgebruiker niet naar binnen gekomen en is de bus zonder hem of haar vertrokken. In veruit de meeste gevallen veroorzaakt door een defecte automatische rolstoelplank.

Te weinig respect

Op de ritten waarbij mensen in een rolstoel wel konden worden meegenomen, blijkt de assistentie van de buschauffeur in 14 procent van de gevallen niet naar behoren. Bij 7 procent van de ritten voelt de rolstoelgebruiker zich niet met respect behandeld. De rolstoelgebruiker is bijvoorbeeld onhandig naar binnen geduwd of de buschauffeur laat duidelijk merken geen zin te hebben om assistentie te verlenen.

98 procent van de bussen moet toegankelijk zijn

Regelgeving van de overheid bepaalt sinds 2012 dat 98 procent van de bussen toegankelijk moet zijn. In de praktijk is dat dus nog niet zo. Het onderzoek laat zien dat het in veel gevallen al wel goed gaat, maar dat er nog verbeterpunten zijn om de norm te kunnen halen. “Mensen in een rolstoel moeten erop kunnen rekenen dat zij met de bus meekunnen”, zegt Adriana van Dooijeweert, voorzitter van het College. “Juist omdat zij minder mobiel zijn dan anderen, is toegankelijkheid van het openbaar vervoer essentieel.”

Op tijd rijden

Er is ook gevraagd naar een reactie van de vervoersbedrijven. Die geven aan spanning te ervaren tussen het op tijd rijden en het aanbieden van toegankelijk vervoer. Het vervoeren van een reiziger in een rolstoel kost gemiddeld meer tijd. Als zij daardoor te vaak niet op tijd rijden, worden ze hierop afgerekend door de OV-autoriteit, die verantwoordelijk is voor het bus- en streekvervoer in de betreffende regio.

Duidelijke afspraken

Het College voor de Rechten van de Mens adviseert OV-autoriteiten om criteria op te nemen in hun Programma’s van Eisen en duidelijke afspraken te maken met vervoerders over het op tijd rijden en het aanbieden van toegankelijk vervoer. Daarnaast roept het busvervoerbedrijven op ervoor te zorgen dat buschauffeurs weten hoe zij op een goede manier assistentie kunnen verlenen aan mensen in een rolstoel. Ook vraagt het College vervoerders te investeren in het functioneren van de automatische rolstoelplanken en alternatieven hiervoor te onderzoeken.

(Bron: ANP)

Geef een reactie

Reactie

  1. Nicone says:

    We hebben altijd allemaal zo de mond vol over pesten, buitensluiten en andere vormen van geestelijke mishandeling. Ik begrijp dan ook niet dat we het allemaal normaal vinden dat rolstoelgebruikers en andere minder vaardigen geen deel mogen uitmaken van onze samenleving. Net zoals u en ik moet ook een gehandicapte zo goed mogelijk gebruik kunnen maken van het openbaar vervoer. En net zoals u en ik moet een gehandicapte fatsoenlijk over straat kunnen gaan en toegang kunnen hebben tot (openbare) gebouwen. We leven in de eenentwintigste eeuw en alles wordt voor ons geregeld. (Daar betalen we ook flink voor)
    Ik kan er niet bij dat onze minder mobiele medemensen het gevoel moeten hebben er niet bij te horen. Laat de regering maar eens flink investeren in onze sociale maatschappij en ook van ondernemers eisen dat iederéén gebruikbaar kan maken van de faciliteiten.