Oudere Wmo-gebruikers eenzamer geworden

De eenzaamheid van gebruikers van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) is toegenomen en daarnaast denkt maar 15 procent van de cliënten met succes hulp te kunnen inroepen uit de eigen omgeving. Dat blijkt uit een rapportage van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP).

Geen hulp eigen netwerk

In 2017 voelt 20 procent van de mensen in de Wmo zich zeer eenzaam. Een vijfde van de gebruikers van de wet , bedoeld om mensen zoveel mogelijk thuis te laten wonen, denkt daarnaast geen beroep te kunnen doen op het eigen netwerk voor hulp als ze die in de toekomst nodig hebben. Ook denkt ongeveer 20 procent van de mensen die nog geen voorziening gebruiken dat zij bij problemen geen hulp kunnen krijgen van hun netwerk. De beleidsaanname dat mensen juist een groter beroep op hun netwerk kunnen doen, wordt door deze cijfers dus niet ondersteund.

75-plussers

In 2015 zijn rijkstaken en bijbehorende budgetten van de Wet maatschappelijke ondersteuning overgedragen aan gemeenten. Tussen 2015 en 2017 is de mate waarin mensen zich eenzaam voelen toegenomen. Vooral oudere Wmo-gebruikers voelen zich eenzaam. Het aandeel 75-plussers dat huishoudelijke hulp ontvangt is met 24 procent gedaald. Ook het aandeel dat gebruik maakt van ondersteuning thuis is met 5 procent gedaald en het aandeel dat gebruik maakt van woon- en vervoersvoorzieningen met 10 procent. Bij eenzaamheid gaat het vooral om het ontbreken van een intieme relatie of vertrouwenspersoon.

Probleemsituaties geïnventariseerd

Voor 7 probleemsituaties is door het SCP geïnventariseerd in hoeverre mensen deze zelf het hoofd kunnen bieden of dat er hulp nodig is. Zo is gekeken naar algemene dagelijkse handelingen tot het onderhouden van sociale contacten. Veel mensen krijgen niet bij al deze situaties hulp. Niet van een professional en niet van het eigen netwerk. Het SCP stelt dat deze bevindingen pleiten voor een benadering die de problemen van mensen centraal stelt en niet de wettelijke kaders.

Kwaliteit van leven

Uit het rapport komen nog enkele opvallende zaken naar voren. Zo geeft ruim de helft van de mensen in de Wmo aan niet zelf formulieren te kunnen invullen. Ook 10 procent van de niet-gebruikers zegt dit niet te kunnen. Het hebben van voldoende inkomen en het kunnen gaan en staan ‘waar je wilt’ zijn voor mensen het belangrijkst in het leven. En de kwaliteit van leven is lager van mensen die langdurig gebruik maken van een voorziening dan van mensen die er kort gebruik van maken.

(Bron: ANP, Sociaal en Cultureel Planbureau)

Geef een reactie