Ajax

2 juni 1971: Ajax wint de Europa Cup 1

Op 2 juni 1971 wint Ajax voor het eerst de Europa Cup 1. Het is het begin van het ‘gouden Ajax’ dat in de jaren 70 furore maakt met snel en attractief voetbal. Het spel van de Amsterdammers heeft zijn sporen nagelaten in het hedendaagse voetbal. Ajax verovert 3 maal achtereen de ‘cup met de grote oren’, in 1971, 1972 en in 1973.

Ajax verliest in 1969 de finale van de Europa Cup 1 kansloos met 4-1 van het Italiaanse AC Milan. In 1970 wint Feyenoord als 1e Nederlandse club de Europa Cup 1. Ajax is aan het eind van het seizoen 1969/1970 de landskampioen. Feyenoord mag als titelhouder eveneens meedoen aan het hoogste Europese toernooi. Op 9 september 1970 winnen de Rotterdammers ook als 1e Nederlandse club de Wereldbeker voor Clubteams als het in 2 wedstrijden te sterk is voor het Argentijnse Estudiantes de la Plata. Een week later moet het aantreden voor de Europa Cup 1 tegen FC UTA Arad uit Roemenië. Het wordt 1-1 in Rotterdam en 0-0 in Roemenië, waardoor de titelverdediger al in de 1e ronde is uitgeschakeld door een volslagen onbekende ploeg.

Rommelige start voor Ajax

Ajax is dan wel landskampioen, maar het begin van het seizoen 1970/1971 verloopt rommelig. Zo is de competitiestart slecht en is Johan Cruijff geblesseerd aan zijn lies. Hij speelt aan het begin van het seizoen slechts een paar maal. Als hij eind oktober invalt in de gewonnen wedstrijd tegen PSV, draagt Cruijff voor het eerst het nummer 14 waar hij furore mee zal maken. De wedstrijd verloopt goed, waardoor de bijgelovige Cruijff vanaf dat moment meestal met nummer 14 speelt. Ook zijn er wisselingen in het elftal van trainer Rinus Michels. Doelman Ger Bals is vertrokken en wordt vervangen door Heinz Stuy. Johan Neeskens komt over van RCH naar Ajax. Michels voegt Arie Haan toe aan de selectie en de Joegoslaaf Velibor Vasovic, de oudste speler van Ajax, neemt de aanvoerdersband over van Ger Bals.

Johan Cruijff, nummer 14

Daarnaast zijn er perikelen over het salaris van Johan Cruijff. Cruijff is in december 1968 getrouwd met de dochter van de Amsterdamse zakenman Cor Coster, Danny. Cruijff heeft bij Ajax op dat moment een 4-jarig contract waarmee hij een salaris van 15.000 gulden per jaar verdient, plus premies. Stadion De Meer is in die tijd regelmatig goed gevuld, vooral door het buitengewone voetbaltalent Johan Cruijff. Coster is verbijsterd als hij het contract van zijn schoonzoon inziet en wordt daarna waarschijnlijk de 1e voetbalmakelaar uit de geschiedenis.

Ajax-voorzitter Jaap van Praag en penningmeester Henk Timman krijgen een hekel aan Coster, omdat Cruijff plotseling meer geld wil zien. Voetballers hebben in die tijd weinig te vertellen en het bestuur bepaalt wat een voetballer verdient. Coster bedingt in 1e instantie een verhoging van het jaarsalaris van Cruijff en in 1971 tekent Cruijff een nieuw contract voor 7 jaar. Hij verdient 95.000 gulden per jaar, plus winstpremies van 1.500 gulden per wedstrijd. Tevens ontvangt het wonderkind uit Betondorp vanaf zijn 31e tot en met zijn 65e jaar van Koninklijke Bijenkorf Beheer jaarlijks de vorstelijke som van 60.000 gulden.

Totaalvoetbal

In 1965 stelt het bestuur de voormalige midvoor van Ajax Rinus Michels aan als coach van de club. Hij is de opvolger van Vic Buckingham. De oud-gymleraar uit Amsterdam maakt de club professioneler en is hard in de aanpak. Hij laat Ajax aanvallender spelen. Onder leiding van Rinus Michels bereikt Ajax de wereldtop en neemt vanwege het spectaculaire voetbal bij menig voetballiefhebber een speciale plaats in het hart in. De FIFA roept Rinus Michels uit tot de beste trainer van de 20e eeuw. Hij loodst het Nederlands Elftal in 1974 tijdens het wereldkampioenschap naar de finale.

In 1988 is het wel raak als Rinus Michels als bondscoach de finale van het Europees Kampioenschap met Oranje wint en Nederland zijn 1e en enige internationale prijs in de wacht weet te slepen. Ajax speelt een snel en revolutionair aanvallend systeem met opkomende backs, een meevoetballende keeper bij wie de aanval begint, meeverdedigende aanvallers en aanvallende verdedigers. Het systeem wordt ‘totaalvoetbal’ genoemd.

Rinus Michels

Technisch en tactisch begaafde voetballers zijn hiervoor onontbeerlijk. Piet Keizer is de sierlijke linksbuiten van Ajax. Hij laat met schitterende passeerbewegingen zoals de schaar verdedigers achter zich alsof ze er niet staan. Volgens kenners staat Keizer ten onrechte in de schaduw van Johan Cruijff. ‘Mister Ajax’ Sjaak Swart is een makkelijk passerende rechtsbuiten die regelmatig scoort. Maar de grootste van Ajax en van Nederland is Johan Cruijff. Zijn techniek en zijn onnavolgbare speelstijl evenals zijn tactisch inzicht worden tot op de dag van vandaag geroemd.

Er is geen ander die als voetballer en trainer het voetbal zo heeft veranderd tot het spel dat we vandaag de dag kennen. Johan Cruijff is uitgeroepen tot beste Europese voetballer van de 20e eeuw. Bij de IFFHS-verkiezing van beste voetballer van de 20e eeuw, een door de FIFA erkende organisatie die records en statistieken bijhoudt op het gebied van voetbal, eindigt Cruijff als 2e, achter Pelé. Johan Cruijff is de belichaming van het totaalvoetbal.

Ajax puilt uit van het talent met spelers als Velibor Vasović, Wim Suurbier, Ruud Krol, Barry Hulshoff en Horst Blankenburg in de verdediging. Deze spelers kunnen samen met de keiharde middenvelder Johan Neeskens het gif in het spel brengen en de opbouw verzorgen. Aanvaller Dick van Dijk, de technisch zeer begaafde Gerrie Mühren, de verdedigende middenvelder Arie Haan en middenvelders Nico Rijnders en Ruud Suurendonk completeren de selectie.

Ajax elftal 1971

Velen zien in de zogenaamde ‘mistwedstrijd’ uit 1966 het begin van de opmars van Ajax en het Nederlandse voetbal in het internationale voetbal. In die wedstrijd verslaat Ajax het ongenaakbare Liverpool in het Olympisch Stadion met maar liefst 5-1. Het Britse voetbalblad FourFourTwo roept in 2013 het Ajax van 1965 tot en met 1973 uit tot het beste clubteam aller tijden. De uitleg van de redactie is als volgt: “Het ging ook om hoe ‘cool’ een team is. Het totaalvoetbal veranderde de wereld, de spelers waren rocksterren. Het Ajax van de jaren 70 had alles.”

De weg naar de finale

De 1e wedstrijd van de Amsterdammers op weg naar de finale wordt gespeeld op 16 september 1970 in het communistisch Albanië tegen 17. Nëntori Tirana. Voor de wedstrijd is er een rel: de Albanese dictator Hoxha houdt niet van mannen met lange haren. Daarom stuurt de Albanese regering Ajax een brief waarin wordt gesteld dat het ‘langharig tuig’ van Ajax het haar moet laten knippen tot een lengte van maximaal 3 centimeter en dat de baarden moeten worden afgeschoren. Ook dienen de vrouwen rokken te dragen die tot over de knie reiken. Ajax dient een protest in bij de UEFA en na een gesprek mag Ajax met lange haren en baarden afreizen naar Albanië. De eis over de lengte van de rokken van de spelersvrouwen blijft wel staan. Voorzitter Van Praag reageert gevat: “Dat kan toch niet. Mao Zedong heeft toch zelf ook lang haar?”

Ondanks de hitte van 35 graden blijkt Ajax een maatje te groot voor de Albanese tegenstander, ook al eindigt de wedstrijd in een gelijkspel. Wim Suurbier scoort 2 maal voor Ajax. Een fout van keeper Heinz Stuy zorgt voor de 1e tegentreffer. In de 85e minuut maken de Albanezen gelijk: 2-2. Ajax had, gezien het krachtsverschil, de wedstrijd moeten winnen en de volgende ronde al veilig moeten stellen.

Op 30 september volgt de return in het Olympisch Stadion in Amsterdam. Iedereen is ervan overtuigd dat het een ‘makkie’ gaat worden. In een plichtmatige wedstrijd wint Ajax voor 30.000 toeschouwers met 2-0, met doelpunten van Piet Keizer en Sjaak Swart.

Op 21 oktober treft Ajax in Amsterdam het Zwitserse FC Basel. Basel heeft in de 1e ronde Spartak Moskou uitgeschakeld en heeft een 35-jarige trainer Helmut Benthaus, die zelf ook weleens meespeelt. Zo ook in de wedstrijden in Amsterdam en in Basel. Het lukt de Zwitsers echter niet om Ajax te verslaan. Bij vlagen spelen de Amsterdammers fantastisch. Voor 45.000 toeschouwers in het Olympisch Stadion wint Ajax met 3-0, met een glansrol voor Piet Keizer, die 1 treffer voor zijn rekening neemt en 2 doelpunten voorbereidt. De doelpuntenmakers zijn Piet Keizer, Dick van Dijk en Barry Hulshoff.

De wedstrijd op 4 november in Zwitserland lijkt een formaliteit te worden. Ajax speelt voor het eerst in het Europese toernooi met Johan Cruijff in de gelederen. Vlak voor de rust krijgen de Zwitsers nog hoop als ze een penalty krijgen toegewezen die wordt benut. In de 2e helft stelt Ajax orde op zaken. Geroutineerd spelen de Amsterdammers de wedstrijd uit en winnen met 1-2, met doelpunten van Nico Rijnders en Johan Neeskens.

Ajax Johan Neeskens

FC Basel – Ajax: Johan Neeskens schuift de bal in het Bazeler doel.

Tegenstander Ajax van formaat

Op 10 maart 1971 krijgt Ajax voor het eerst in het toernooi een tegenstander van formaat. Het Schotse Celtic is namelijk de tegenstander. In 1967 winnen de Schotten de Europa Cup 1 ten koste van Inter Milan met 2-1. In de finale van de Europa Cup 1 in 1970 wint Feyenoord van Celtic in de verlenging met 2-1. Daarnaast is Celtic 5 jaar achtereen kampioen van Schotland.

Celtic heeft in de 1e ronde makkelijk het Finse KPV Kokkola verslagen en walst in de 2e ronde over het Ierse FC Waterford heen. Ajax is in de winterperiode weinig aan spelen toegekomen vanwege strenge vorst. Toch spelen de Amsterdammers een goede wedstrijd, die in Amsterdam na de rust wordt beslist door doelpunten van Johan Cruijff, Barry Hulshoff en Piet Keizer.

Op 24 maart volgt de return in Schotland. Celtic is technisch gezien de mindere van Ajax en moet het van fysiek spel hebben. Ajax raakt niet van de wijs als Jimmy Johnstone voor Celtic in de 27e minuut 1-0 laat aantekenen. Ajax speelt goed en verdedigt geweldig. Het doorstaat de aanvalsstormen van de Schotten. De 5.000 meegereisde Ajaxsupporters vieren een feestje, want Ajax staat in de halve finale.

Op 14 april moet Ajax naar Spanje waar Atletico Madrid de tegenstander is. Er gaan maar 800 supporters mee naar Madrid. De supportersreizen voor de finale die dan nog moet worden gehaald, zijn al wel uitverkocht. Dat grote optimisme wordt snel getemperd als Ajax de wedstrijd verliest met 1-0. Het veld is zeer slecht en Ajax speelt niet goed. In Amsterdam moet Ajax daarom aan de bak.

Op 28 april speelt Ajax om de finale in het Olympisch Stadion in Amsterdam. Het wordt een slijtageslag met een aanvallend Ajax en een verdedigend Atletico Madrid. Piet Keizer scoort in de 8e minuut, waardoor het over 2 wedstrijden gelijk staat. In de 85e minuut scoort Wim Suurbier de verlossende 2-0 en vlak voor tijd maakt Johan Neeskens er 3-0 van. Ajax gaat voor de 2e keer in de historie van de club naar de finale van de Europa Cup 1!

De finale: Ajax – Panathinaikos

Iedereen is er dan van overtuigd dat de tegenstander Rode Ster Belgrado zal worden. De Joegoslaven verslaan het Griekse Panathinaikos in eigen huis met 4-1. In Griekenland wacht Rode Ster echter een heksenketel en de Joegoslaven gaan, mede door een slecht fluitende scheidsrechter, met 3-0 onderuit, waardoor Panathinaikos het in de finale moet opnemen tegen Ajax. De trainer van de Grieken is de Hongaar Ferenc Puskás, de legendarische voormalige aanvaller van Real Madrid.

Die finale wordt op 2 juni 1971 gespeeld in het Londense Wembley Stadion. Met treinen, boten, auto’s en vliegtuigen reizen duizenden Ajaxsupporters en Panathinaikos-supporters naar Londen. Ajax is huizenhoog favoriet. Het wordt een groot feest voor de Amsterdammers.

Ajax, Tante Leen

De Amsterdamse Tante Leen zingt op Trafalgar Square voor een menigte Ajax-supporters.

In een slechte en nerveuze wedstrijd weet Ajax met 2-0 te winnen van Panathinaikos. Doelpuntenmakers zijn Dick van Dijk, die uit een voorzet van Piet Keizer koppend scoort, en Arie Haan die het doel treft na een steekbal van de uitblinkende Johan Cruijff. Ajax wint voor het eerst in zijn bestaan de Europa Cup 1, de belangrijkste Europese trofee. Na afloop bestormen fans het veld. Aanvoerder Velibor Vasović krijgt de Europa Cup overhandigd en het feest kan beginnen. De ‘cup met de grote oren’, zo noemt Leo Beenhakker de beker, verhuist dus van Rotterdam naar Amsterdam.

De cup met de grote oren

V.l.n.r. Horst Blankenburg, Heinz Stuy, Wim Suurbier ,Velibor Vasovic, en Rinus Michels.

Een smet op de wedstrijd is het uitvallen van Nico Rijnders in de rust. Hij heeft het benauwd en heeft last van duizelingen. In de zomer van 1971 verhuist hij naar Club Brugge, waar hij in een wedstrijd op 12 november 1972 een hartaanval krijgt en ter aarde stort. Hij wordt afgekeurd en kan niet meer voetballen. Nico Rijnders overlijdt op 16 maart 1976 boven zijn sportzaak in Brugge als gevolg van een hartkwaal. Hij is slechts 28 jaar geworden.

De volgende dag wachten duizenden fans op Schiphol om Ajax als nieuwe Europees kampioen te verwelkomen. Na een toespraak van de Amsterdamse burgemeester Ivo Samkalden vertrekt Ajax naar Soestdijk, waar de selectie wordt ontvangen door koningin Juliana. Daarna volgt een optocht in open auto’s door Amsterdam. Op het balkon van de Stadschouwburg aan het Leidseplein huldigen duizenden fans de spelers van Ajax, die om de beurt de Europa Cup aan het publiek tonen.

Met het spectaculaire totaalvoetbal, lef en Amsterdamse branie zet Ajax zich internationaal op de kaart. Ook in 1972 en in 1973 winnen de Amsterdammers de Europa Cup 1. In 1995 wint Ajax het hoogste Europese toernooi voor de 4e maal, dat dan de Champions League wordt genoemd. Het voetbal van Ajax aan het begin van de jaren 70 wordt tot op de dag van vandaag door voetballiefhebbers van over de hele wereld bewonderd en heeft zijn sporen nagelaten in het hedendaagse voetbal.

(Bron: Historiebetaaldvoetbal.nl, Trouw.nl, AD.nl, VI.nl, Ajaxshowtime.com, Historiek.nl, UEFA.com, Sport.infonu.nl, Anderetijden.nl, Soccernews.nl, Wikipedia)

Geef een reactie