Duur 02:54
Gepubliceerd op 25 mei 2016

Deel 4: Landschap en architectuur

Bij het fotograferen van landschappen en gebouwen kunt u op verschillende manieren te werk gaan. Ton Bennemeer laat u een paar trucjes zien.

Landschap

Diepte laat een landschap goed tot zijn recht komen. U kunt hiervoor een telelens gebruiken: u krijgt dan een kleine scherptediepte en uw onderwerp komt los van de achtergrond. Hiervoor moet u wel een statief gebruiken, anders is de foto al snel bewogen. Met een groothoeklens krijgt u juist veel scherptediepte. Als u de voorgrond er dan ook opzet, krijgt u een mooie dieptewerking. Als u de foto staand maakt, kunt u nog meer van de voorgrond op de foto krijgen. Het beeld komt daardoor vaak op een verticaal genomen foto meer tot zijn recht.

Timing

De beste momenten om te fotograferen zijn aan het begin of aan het einde van de dag. Dan is het licht het mooist van kleur en heeft u schaduwen, waardoor u meer diepte in uw foto’s krijgt. De periode na zonsopgang en vlak voor zonsondergang noemen fotografen ‘het blauwe uur’ of ‘het gouden uur’: de zon staat laag aan de hemel, het blauw van de lucht wordt nog intenser en de zon krijgt een gouden gloed.

Gebouwen

U zou een gebouw misschien niet snel fotograferen. Maar u kunt het ook heel spannend maken.

Tips:

  • Gebruik een statief: kies een goede plaats en een mooie kadrering. U kunt de sluitertijd zo lang maken als u wilt, want gebouwen bewegen doorgaans niet.
  • Ga met uw camera dichtbij het gebouw staan. De lijnen lopen dan naar elkaar toe en er ontstaat diepte.
  • Een mooi lijnenspel maakt foto’s extra interessant.

U weet nu hoe u landschappen en gebouwen mooi in beeld kunt brengen. Uw standpunt en lens zijn daarvoor heel belangrijk. Ga daarvoor naar deel 5. Klik hier als u terug wilt naar het overzicht van de cursus.

Geef een reactie

Reactie

    de zon says:

    Lijnenspel is heel intressant.

Bekijk ook

Meer