Buitenspelen met een prinses

Soms gaat achter een simpele mededeling een heel eigen wereld schuil. Zoals die van de Rijksvoorlichtingsdienst, die meldt dat op 28 juni 2018 oud-koningin Beatrix een muurschildering in een speelwijk in de Tilburgse wijk Stokhasselt onthult. Een speelwijk? Ik had nog nooit van het woord gehoord, maar wie het kind in zichzelf erkent wordt meteen geïntrigeerd. Ik kwam erachter dat in die wijk omwonenden al jarenlang bezig zijn een speciale ‘speelwijk’ te maken voor kinderen. Er is een picknickplaats, een gebied met speeltoestellen, een kinderboerderij en veilige straten. Het is een initiatief van de stichting Jantje Beton.

Creatieve vorstinnen

Toen ging mij een lichtje branden, want Beatrix is altijd zeer betrokken geweest bij deze organisatie, die tot doel heeft kinderen meer te laten bewegen en spelen. Jantje Beton is al 50 jaar oud en dat wordt gevierd. Met de oud-koningin erbij, want die heeft als beschermvrouwe ooit eigenhandig het logo van de organisatie in beeld gevat. Als jong prinsesje bleek al dat zij van beeldhouwen hield. Op Paleis Soestdijk had zij haar eigen ateliertje, een wijkplaats voor momenten dat het nodig was om even op adem te komen. Dat is het belang van een hobby, of je nu koningin bent of niet: je wilt het hoofd leeg maken door even iets voor jezelf te doen. Haar grootmoeder Wilhelmina deed dat door te tekenen en te schilderen en haar moeder Juliana door toneel te spelen in amateurgezelschappen ten paleize. Iedereen wist wel over die vorstelijke vrijetijdsbestedingen, maar ze werden toch altijd als ‘privé’ gezien. Niet in de minste plaats door de hoofdpersoon zelf, die zich altijd alle ogen (en die van de camera) op zich gericht wist. Koningin Wilhelmina was erg op haar privacy gesteld en vond het altijd moeilijk als wandelaars belangstellend bij haar schildersezel gingen staan om te kijken of het een beetje leek wat ze schilderde. Misschien dat zij daarom ook de ruige natuur in trok?

Schilderen bij de potkachel

Op Het Loo had zij een schilderwagen laten maken. Het is een kruising tussen een Pipowagen en een atelier en het staat nog altijd bij ons in de Stallen. Vooraf bepaalde de koningin de locatie waar de wagen naar toe werd gereden. Later arriveerde de koningin in gezelschap van een hofdame. Als de weersomstandigheden te bar werden, dan werd binnen het potkacheltje aangemaakt. In de buurt van Het Loo trok zij ook weleens naar het naburige kasteel Cannenburch, waar een adellijke familie woonde die haar toegang tot het mooie kasteelpark verschafte. Eindelijk alleen… De oude vorstin vond ook dat ze kwetsbaar was door haar werk in het openbaar te laten zien. Misschien was ze bang dat kunstkenners haar zouden uitlachen? Ze wilde graag beoordeeld worden als staatshoofd, maar niet als kunstenares. In 2005 werkte ik mee aan een grote overzichtstentoonstelling van haar werk. De olieverfschilderijen die ze tijdens reizen in Noorwegen maakte vond ik sterk. Waarschijnlijk was zij dan ook heel ontspannen. Veel van haar tekeningen (snel opgezette schetsen van landschappen) vond ik veel beter. Misschien omdat tekeningen een spontanere uiting zijn?

Juliana, op-en-top koningin

Ook koningin Juliana trad niet in het theater op. Maar wel was zij de hoofdrolspeelster in het ‘Theater van Staat’, de ceremoniën rondom het koningshuis, zoals de staatsbezoeken, de opening van de Staten-Generaal en andere plechtige evenementen waarin de monarch optreedt als monarch. ‘Persoon’ en ‘ambt’ zijn natuurlijk altijd met elkaar verbonden, maar Juliana wist haar koninklijke rol met overtuiging te spelen. En nooit was er een vorstin die zich, als het nodig was, zo waardig kon tooien met de familiejuwelen. Ze wist: ik representeer mijn Huis en mijn land. Maar koningin Juliana muntte weer niet uit in het creatieve handwerk. Koningin Beatrix wel.

Beeldhouwen op Drakensteyn

Ook nadat ze koningin was geworden, koesterde Beatrix haar wekelijkse beeldhoud-uren op Drakensteyn en op het Huis ten Bosch. Het is op kasteel Drakensteyn, waar de oud-koningin ook nu weer woont, dat het beeldje van Jantje Beton ontstond. Ook 50 jaar geleden, in 1968, kroop beton steeds meer op in de woonwijken, ten koste van groen en speelgebieden. Beatrix maakte een beeldje van een ventje dat zijn vuistje in de lucht steekt, alsof hij zegt: “ik ben er ook nog, ik wil spelen.” Het recht van een kind op spelen. Beatrix onderkende meteen dat het recht gegeven kan worden, maar ook kan worden opgeëist door de kinderen zelf. “Vertel ons wat er in jullie ogen allemaal beter zou kunnen. Het gaat immers om jullie geluk en jullie toekomst. Jullie hebben daarom recht van spreken”, spoorde de prinses de kinderen in 1968 aan. Misschien dat daarom ook in Tilburg een kinderraad wordt gevormd, die de gemeente adviseert over de kwaliteit van spelen en speelgebieden. Was ik nog maar kind. In Tilburg.

Geef een reactie