Dit is waarom de ene fles wijn een kurk heeft en de ander een schroefdop: de verschillende afsluitingen uitgelegd
Publicatiedatum: 11 april 2026
Wijnflessen kunnen op verschillende manieren zijn afgesloten. Wijnmakers kiezen de afsluiting die het beste past bij de wijn en bij hoe die bedoeld is om te drinken of te bewaren. De afsluiting heeft invloed op de manier waarop een wijn zich ontwikkelt, maar ook op het gebruiksgemak en de houdbaarheid. Wij leggen uit hoe het zit.

Flessen met een kurk
Natuurkurk wordt gemaakt van de schors van de kurkeik en is lange tijd de standaard geweest voor het afsluiten van wijn. Deze afsluiting laat een kleine, wisselende hoeveelheid zuurstof door. Voor sommige wijnen kan dat gunstig zijn, vooral voor wijnen die bedoeld zijn om zich langzaam verder te ontwikkelen in de fles. Daarom wordt kurk vaak gebruikt bij rode wijnen en bij bepaalde witte wijnen die niet direct worden gedronken.
Tegelijkertijd is kurk een natuurproduct en daardoor minder voorspelbaar. De structuur kan per kurk iets verschillen. Daardoor laat de ene kurk net wat meer zuurstof door dan de andere, wat invloed kan hebben op hoe een wijn zich in de fles ontwikkelt. Ook bestaat er een risico op kurksmaak, veroorzaakt door de stof TCA. Dat komt soms voor in natuurkurk en kurkachtige materialen. Als wijn ermee in aanraking komt, kan dat zorgen voor een muffe geur en smaak, vaak omschreven als nat karton of kelderlucht. Dit wordt kurksmaak genoemd. De wijn is dan niet bedorven, maar wel minder prettig om te drinken.
Toch kiezen veel wijnmakers nog steeds bewust voor kurk bij wijnen die langer bewaard kunnen worden. Dat heeft deels te maken met de manier waarop deze wijnen zich ontwikkelen, maar ook met traditie en verwachting. In landen als Frankrijk en Italië hoort kurk nog sterk bij de wijncultuur en bij het beeld van kwaliteitswijn. Voor sommige producenten speelt ook de beleving een rol: het openen van een fles met kurk maakt voor veel mensen onderdeel uit van het wijnmoment.

Flessen met een schroefdop
De keuze voor een schroefdop is meestal vooral technisch en minder traditioneel. Wijnmakers kiezen deze afsluiting omdat zij meer controle hebben over de kwaliteit en ontwikkeling van de wijn. Een belangrijk voordeel is dat een schroefdop geen risico geeft op kurksmaak, waardoor elke fles dezelfde smaak behoudt.
Daarnaast biedt de schroefdop meer controle over de hoeveelheid zuurstof die bij de wijn komt. Wijn ontwikkelt zich door zuurstof, maar te veel zuurstof kan zorgen voor oxidatie. Omdat kurk een natuurproduct is, verschilt de doorlaatbaarheid per kurk. Een schroefdop is consistenter. Via de binnenlaag van de dop kan de wijnmaker beter sturen op frisheid, rijping en houdbaarheid. Dat is één van de redenen waarom landen als Australië en Nieuw-Zeeland deze afsluiting veel gebruiken, vooral bij aromatische witte wijnen zoals sauvignon blanc en riesling.
Ook praktisch speelt de schroefdop een rol. U heeft geen kurkentrekker nodig en de fles is eenvoudig opnieuw af te sluiten. Voor wijnmakers is de schroefdop bovendien efficiënt bij bottelen en transport, zeker bij grotere volumes. Dat maakt deze afsluiting geschikt voor wijnen die bedoeld zijn om jong en fris te drinken, meestal binnen enkele jaren na botteling.
Flessen met een synthetische kurk
Synthetische kurken zijn gemaakt van kunststof en worden vooral gebruikt bij wijnen die niet bedoeld zijn om lang te bewaren. In tegenstelling tot natuurkurk zijn ze voorspelbaar van kwaliteit en kunnen ze geen kurksmaak veroorzaken. Voor wijnmakers is dat een praktisch voordeel, vooral bij wijnen die snel en zonder risico op afwijkingen gedronken moeten worden.
Technisch gezien laten synthetische kurken relatief veel zuurstof door. Daardoor ontwikkelt de wijn zich minder stabiel dan bij een schroefdop en kan hij sneller achteruitgaan. Om die reden zijn deze kurken vooral geschikt voor wijnen die binnen 1 tot 2 jaar na aankoop worden gedronken.

Flessen met een glazen afsluiting
Een glazen afsluiting bestaat uit een glazen dop met een kunststof of rubberen ring die de fles luchtdicht afsluit. Net als een schroefdop laat deze afsluiting nauwelijks zuurstof door. Daardoor blijft de wijn stabiel en verandert hij weinig na het bottelen. Dat maakt een glazen afsluiting vooral geschikt voor wijnen die hun oorspronkelijke smaak en aroma’s moeten behouden.
Omdat de afsluiting voorspelbaar is en geen invloed heeft op geur of smaak, wordt ze vooral gebruikt bij witte wijnen en aromatische stijlen. Ook speelt de uitstraling vaak een rol: de glazen dop oogt modern en wordt soms gekozen om een wijn te onderscheiden. Technisch gezien biedt deze afsluiting weinig ruimte voor rijping op lange termijn, omdat de zuurstoftoevoer vrijwel ontbreekt.
(Bron: Telegraaf, Gall & Gall, Culy, wijnbroeders.nl. Foto: Shutterstock)



