Vroeger was alles beter

“Vroeger was alles beter”, maar is dat ook echt zo?

“Vroeger was alles beter”, wordt vaak gezegd. De coronapandemie is een goed voorbeeld van een tijd waarin we verlangen naar hoe het voor corona was. We denken terug aan de tijd dat we nog onbezorgd kunnen genieten van een dagje uit en onze familie of vrienden op minder dan 1,5 meter afstand kunnen ontvangen. Soms lijkt het alsof vroeger alles beter was, maar is dit ook echt zo?

Psychologische verklaring

Dat we het gevoel hebben dat vroeger alles beter was, is een gevoel van alle tijden en heeft een psychologisch verklaring. In de hersenen zit een netwerk van kennis en gebeurtenissen die met elkaar in verbinding staan. Zo hebben we in ons geheugen een opslag van negatieve en positieve herinneringen. Ons brein heeft de neiging de positieve makkelijker te onthouden. We denken hier dan ook vaker aan terug. Hoe vaker we denken aan een positieve gebeurtenis, hoe sterker de verbinding wordt. De verbindingen met de negatieve herinneringen zwakken af, waardoor we het idee creëren dat, in de goede oude tijd, ook alles positiever was.

“Waar gaat het heen met deze wereld?”

Het verlangen naar vroeger, ontstaat meestal op een moment waarbij we dingen ervaren die voor ons onherkenbaar zijn, waar we geen grip op hebben en waarbij we ons afvragen ‘’Waar gaat het heen met deze wereld?” Dit specifieke gevoel hoort bij de moderniteit en komt voort uit 19e eeuw. Met name door de industrialisatie ontstaan er in die tijd veel sociale veranderingen. Het zijn onzekere tijden waardoor mensen gaan verlangen naar vroeger. Dit gebeurt ook eind jaren 50. De oorlog is voorbij en men heeft vertrouwen in een nieuwe periode vol luxe en welvaart. Tot het moment dat er culturele en sociale revoluties beginnen. Het land raakt door de ontkerking verzuild en het feminisme komt op. De oudere generatie is de veranderingen niet gewend of is niet in staat zich aan te passen en roept dan ‘’Vroeger was alles beter!’’

Nostalgie

Het gevoel van dat verlangen naar vroeger wordt nostalgie genoemd. Het is een soort heimwee naar het persoonlijk verleden. Vaak geeft het ons warme herinneringen aan vroeger. Het blijkt zelfs dat nostalgie kan bijdragen aan optimisme. De zelfverzekerdheid van mensen kan groeien door positieve herinneringen uit het verleden op te halen, omdat we ons daardoor beter gaan voelen. Een nadeel is, dat we geneigd zijn terug te vallen in oude of slechte gewoontes. Zo krijgen sommige mensen opnieuw een relatie met hun ex, omdat ze de nare herinneringen niet zo helder hebben als de fijne momenten samen.

Relativeren

De hersenen zorgen ervoor, dat momenten van ellende extra goed ervaren worden, met als functie dat we gevaar kunnen herkennen en alert blijven. De positieve herinneringen (aan vroeger) worden op dat moment ook naar boven gehaald. Hierdoor ontstaat het idee dat de tijd voor die ellende beter was. Na een tijdje kunnen we het relativeren en zien we dat het in werkelijkheid wel meevalt.

Herinneringen aan de pandemie

De pandemie is voor velen een negatieve ervaring waardoor we alert zijn en verlangen naar de tijd voor de crisis. We vinden de coronatijd nu erg vervelend, maar over een aantal jaren zullen we waarschijnlijk de positieve kanten van de pandemie beter herinneren. Bijvoorbeeld hoe we de tijd hadden om tot rust te komen, de voordelen van het thuiswerken en versoepelingen van de maatregelen.

(Bron: Wrm, Brainwash, Universiteit van Nederland, in de spiegel, psychologie magazine )

Geef een antwoord