weerapps

Waarom weerapps soms heel verschillend het weer voorspellen

Het is heel handig om van tevoren te weten welk weer het wordt. Zeker in het geval van een geplande buitenactiviteit. Daarvoor kunt u natuurlijk naar een weerbericht kijken op televisie. Maar via een app op uw mobiel heeft u de voorspellingen altijd bij de hand. Alleen zitten er soms grote verschillen tussen de weerapps onderling. Hoe komt dat?

Informatie van verschillende weerinstituten

Om weersverwachtingen te maken, maken meteorologen gebruik van de modellen van weerinstituten. De 2 belangrijkste zijn het European Centre for Medium-Range Weather Forecast (ECMRWF) en de Amerikaanse National Weather Service (NWS). Beide maken gebruik van zeer krachtige computers die data verzamelen van satellieten en weerstations. Daar wordt een wiskundige berekening op losgelaten, waarbij rekening wordt gehouden met natuurkundige processen. Zoals de beweging van luchtstromen. Wat daar uitkomt wordt het weermodel genoemd. Hiermee kunnen voorspellingen voor de langere termijn worden opgesteld. Het Europese model kijkt 10 dagen vooruit, het Amerikaanse 16 dagen. Des te langer er vooruit gekeken wordt, des te onbetrouwbaarder worden de gegevens. Omdat de 2 instituten niet dezelfde meetstations gebruiken kunnen de metingen verder verschillen.

Weerapps maken meestal gebruik van een bepaald weermodel

Veel weerapps maken gebruik van 1 van de 2 weermodellen en daar kunnen dus verschillen tussen bestaan. Zo baseert de weersverwachting van Buienradar zich op Meteoblue, een Zwitsers weermodel. De weerapp van Apple of Google maakt gebruik van het Amerikaanse weermodel. Tegenover Nu.nl vertelt meteoroloog Jaco van Wezel van Weeronline dat zij beide modellen gebruiken. Daar wordt nog een algoritme op losgelaten, dat dagelijks voorspelt welk model op dat moment het accuraatst is. Zo kan er bijvoorbeeld voor 90 procent naar het Europese model gekeken worden en 10 procent naar het Amerikaanse. Daarnaast wordt nog geografische informatie meegenomen. Bij plaatsen aan het water is het bijvoorbeeld kouder en de zandgronden van de Veluwe hebben ook weer een ander effect.

Stadsklimaat bij Buienradar

Om tot betere resultaten te komen wordt er bij Buienradar aan gewerkt om het stadsklimaat te integreren in de app. Maurice Middendorp van Buienradar vertelt daarover aan RTL Nieuws: “Wij als meteorologen hanteren standaard de temperatuur van het platteland, hoe warm het is op een grasveld zonder bomen in de schaduw. Maar tussen het beton en het asfalt van de stad is het veel warmer. Op een heel warme dag kan dat 3 graden schelen en in de nacht wel 10 graden.” Daarom werkt Buienradar eraan om in stedelijke gebieden een aantal graden bij de temperatuur op te tellen.

Keuzes bepalen de voorspelling voor de weerapps

Het beste resultaat wordt verkregen bij het gebruik van de data van alle beschikbare weermodellen, maar dat is moeilijk en duur. Meteorologen moeten zelf dus veel keuzes maken om tot een voorspelling te komen. En zo kan het dus gebeuren dat er verschillen ontstaan. Een klein verschil in de verwachte wind kan er bijvoorbeeld voor zorgen dat de wolken zich op een later moment op een heel ander punt bevinden dan verwacht. Overigens staat het Europese weermodel bekend als het meest accuraat.

In MAX Magazine verzorgen Grieta Spannenburg (RTV Oost en RTV Utrecht) en Jordi Bloem (Omroep West) afwisselend een weerpagina die ook op deze site te lezen is.

(Bron: Nu.nl, RTL Nieuws. Foto: Shutterstock)

Geef een antwoord