Dokter Ted - Bevolkingsonderzoek darmkanker

Omroep: MAX

Duur: 0:06:06

Uitzending: di 14 jan 2014 18:00

Bevolkingsonderzoek darmkanker

Door de invoering van het bevolkingsonderzoek darmkanker in 2014, worden mensen met darmkanker sneller opgespoord. Op de duur kunnen er 2.400 sterfgevallen per jaar mee worden voorkomen.

Belang grootschalig onderzoek

Darmkanker komt veel voor. Jaarlijks wordt de diagnose bij ruim 15.000 mensen gesteld. Dagelijks overlijden 13 mensen aan de gevolgen van de ziekte. Het is daarmee een van de meest voorkomende kankersoorten. Wanneer men er op tijd bij is, is de kans 94% dat de patiënt na 5 jaar nog steeds in leven is. Wanneer men er laat achter komt, is deze kans maar 8%. Daarom is het bevolkingsonderzoek naar darmkanker opgezet. Op de duur kunnen er 2.400 sterfgevallen per jaar mee worden voorkomen. En als darmkanker vroeg ontdekt wordt, zijn de behandeling ervan vaak ook minder zwaar. In andere Europese landen wordt het onderzoek al uitgevoerd.

Darmkanker geeft relatief laat klachten. Als het in het begin van de dikke darm zit, kan het lang doorgroeien. Het is dan pas te merken wanneer bloedarmoede optreedt. De tumor geeft soms heel lang een klein beetje bloedverlies. Dat is zo weinig dat het niet goed te zien is in de ontlasting. In het laatste deel van de dikke darm kan het gezwel ook voor afsluiting zorgen, waardoor het ontlastingspatroon kan veranderen. Dus afwisselend obstipatie en dunne ontlasting met veel krampen. Ook dat kan bloedverlies geven. Dat is over het algemeen sneller zichtbaar in de ontlasting. Toch kan de tumor vaak lang doorgroeien voordat het wordt opgemerkt. Soms zijn er dan al uitzaaiingen. Een tumor wordt uiteindelijk echt ontdekt door de darm van binnen te bekijken met een coloscopie.

Wat houdt het zoek in?

Sinds begin 2014 krijgen Nederlanders tussen de 55 en 75 jaar elke 2 jaar een oproep om aan het onderzoek mee te doen. Deze ontlasting wordt gecontroleerd op bloedsporen. Bloedsporen kunnen mogelijk wijzen op darmkanker, maar kunnen ook een andere oorzaak hebben. Er is maar weinig ontlasting nodig om het onderzoek goed uit te voeren. In het laboratorium wordt onderzocht of er bloedsporen in de ontlasting zitten. Na 14 dagen krijgt u bericht of het goed is of dat er inderdaad bloed is gevonden. Is dat laatste het geval krijgt u het advies om de darm van binnen te laten bekijken met een coloscopie. De uitnodiging voor een eerste voorgesprek in het coloscopie-centrum wordt direct aan deze brief toegevoegd. Daar wordt afgesproken wanneer de scopie plaatsvindt.

90% van alle darmkanker komt voor bij mensen boven de 55 jaar. Boven de 75 jaar komt er ook wel darmkanker voor, maar dat groeit meestal zo langzaam dat vroegopsporing weinig meerwaarde heeft. Helaas is niet alle kanker met dit onderzoek op te sporen. Bij het eerst onderzoek wordt 65% ontdekt, maar door het onderzoek elke 2 jaar te herhalen is op den duur 80 tot 90% van alle tumoren te diagnosticeren.

Bij ongeveer 5% van de deelnemers wordt bloed in de ontlasting gevonden. Stel dat 1000 mensen de ontlastingstest doen, dan is bij 50 van hen vervolgonderzoek nodig. Van deze 50 mensen blijken uiteindelijk 4 mensen darmkanker te hebben. Van de overige onderzochte mensen wordt bij twee derde een goedaardig gezwel gevonden. De rest blijkt toch niks te hebben. Maar omdat ook een goedaardig gezwel op den duur kanker kan worden, wordt dat bij de scopie gelijk weggehaald.

Verplicht

Meedoen is een individuele keuze. Denk er goed over na. Sommige mensen willen het liever niet weten. Anderen willen liever niet zo’n scopie ondergaan als dat nodig blijkt te zijn. Dat onderzoek heeft ook wat risico, net als elk ander medisch onderzoek. Bij 2 op de 1.000 scopieën ontstaan complicaties. Een op de 100.000 mensen kan er zelfs aan overlijden. Tenslotte geeft een scopie ook geen zekerheid of het om kanker gaat en kost het geld. De screening is gratis, maar de coloscopie gaat van het eigen risico af wanneer men verder geen zorgkosten in dat jaar heeft gemaakt. De huisarts krijgt ook bericht als er bloed in de ontlasting blijkt te zitten. Men kan dan eventueel met de huisarts overleggen of onderzoek zinvol is. Als er echt kanker wordt gevonden, volgen er soms verdere behandeling in het ziekenhuis. Soms nog gevolgd door chemotherapie. De kans op genezing is bij vroegopsporing is veel groter dan wanneer de kanker pas gevonden wordt na klachten. Wacht bij darmklachten niet op een uitnodiging voor het bevolkingsonderzoek, maar ga naar uw huisarts. Dit bevolkingsonderzoek is vooral  voor mensen zonder klachten.

Dit onderwerp is behandeld in Tijd voor MAX op 14 januari 2014.

Geef een reactie