Traditionele markten hebben het steeds zwaarder

“Op de markt is een gulden een daalder waard” is een begrip dat steeds minder Nederlanders naar de markt trekt. En niet alleen doordat de gulden niet langer bestaat. Voor koopjes hebben consumenten inmiddels vele alternatieven, zoals winkelketens in het goedkopere segment. Iets wat (traditionele) verkopers van marktkramen steeds meer beginnen te voelen.

Stijgende kosten en dalende inkomsten

Een bezoek aan de markt hoort er voor veel mensen decennia lang bij. Groente, fruit, gevogelte en vlees, maar ook kleding is er vaak zeer aantrekkelijk geprijsd en velen vinden het ook gewoon gezellig om naar de markt te gaan. De laatste jaren zijn er voor consumenten echter steeds meer andere mogelijkheden bij gekomen en dat zorgt voor een terugloop in het marktbezoek. Voor marktkooplieden zijn de kosten de afgelopen jaren blijven stijgen, terwijl de inkomsten niet meegegroeid zijn. Een reden dat steeds meer marktkooplieden zich genoodzaakt zien te stoppen.

Wennen aan veranderende omstandigheden

Henk Achterhuis, van de Centrale Vereniging voor de Ambulante Handel (CVAH), vertelt in de uitzending van Bert Haandrikman van donderdag 14 november 2019 dat het marktwezen te lijden heeft onder verkoop via internet, prijsvechters en ruime openingstijden van winkels. De ambulante handel moet volgens Achterhuis wennen aan de nieuwe omstandigheden en bedenken hoe consumenten meer geboden kan worden. Daarnaast moet meer worden uitgegaan van de eigen krachten. Consumenten gaan naar de markt om geholpen te worden door de ondernemer zelf. Die heeft nog verstand van de producten die verkocht worden en is wel in voor een gezellig praatje. De markt is letterlijk nog van alle markten thuis.

Amsterdamse markten

Volgens Achterhuis is in de rest van het land te zien dat markten er veel aan doen om bij de tijd te blijven, terwijl Amsterdamse markten over het algemeen al 25 jaar stil staan op het gebied van vernieuwingen. CVAH heeft als stichting De markt van Morgen opgericht, om een toekomstbestendig bestaan voor de markt te realiseren. Belangrijkste daarbij is dat de organisatie van de markten weg gaat bij gemeenten en wordt ondergebracht bij de ondernemers zelf. Waardoor er meer overleg is onderling en met aanwezige winkeliers en er een eigentijdse visie op de markt ontstaat.

Onvoldoende aanbod

Voor de Amsterdamse markten valt er nog wel wat te winnen als beter wordt gekeken naar de behoeftes van de consumenten. Nu is er soms te weinig variatie in producten en vinden mensen er niet waar zij naar op zoek zijn. In het rapport Marktvisie van Gemeente Amsterdam staat dat gemiddeld meer dan de helft van de bezoekers het aanbod op de markt onvoldoende of slecht vindt en aanvullend aanbod wenselijk. Uit onderzoek blijkt dat marktbezoekers gemiddeld nog maar 6 procent van hun budget aan boodschappen uitgeven op de markt. Een kwart van de inwoners bezoekt zelfs helemaal geen markten meer.

Steeds minder marktlieden met levensmiddelen op de Dappermarkt

Het Parool bericht over een leegloop aan kramen met levensmiddelen op de Dappermarkt. Reden: de verminderde toeloop naar de markt. Het is voor velen niet langer rendabel om daar een kraam te hebben. Zijn er voorheen bijvoorbeeld nog minstens 12 kramen met kaas aanwezig, binnenkort gaat het nog maar om 2 stuks. Kaasboer is inmiddels een uitstervend ras op deze markt. Er zijn nog wel traditionele kramen over, maar die hebben het steeds moeilijker met de teruggang.

Marktrechten vergroten het probleem

Gemeente Amsterdam geeft aan het probleem deels zelf te veroorzaken. Door het huidige systeem van marktrechten op basis van welke ondernemer er het langste zit. Bij het vrijkomen van een nieuwe plek is die voor de ondernemer met de oudste rechten, terwijl die niet altijd het aanbod heeft waar de consument behoefte aan heeft.

Toch zijn er ook markten in Amsterdam die nog wel heel goed lopen. Die zijn vooral in de binnenstad te vinden, zoals de Westerstraat, Albert Cuyp, Noordermarkt en de Lindengracht.

Luister het gehele interview van Bert Haandrikman met Henk Achterhuis, van de Centrale Vereniging voor de Ambulante Handel (CVAH) terug.

Gaat u nog wekelijks naar de markt?

(Bron: Haandrikman, Telegraaf, Het Parool, de markt online)

Geef een reactie

Reacties (2)

  1. Aliceroodnat@casema.nl says:

    Nog elke week ga ik naar de markt, speciaal voor de aardappels.
    Altijd een goed advies en een vriendelijk praatje.
    De laatste keer dat ik was, stond er een soort tent waar de aardappelman met zijn vrouw in stond, wat was het geval, er werden geen kramen meer aangevoerd, dus ze moeten zelf voor een tent/kraam zorgen en aangezien de man het niet alleen op kon zetten, kwam zijn vrouw mee om te helpen.
    Dit betreft de markt in Nieuwegein op het Muntplein.

  2. Rootzelaar says:

    Het probleem met de Amsterdamse markten is, ze verkopen veelal kleding en/of ramsch. Wat ik zoek op een markt verse groente, kaas, fruit, vis, kip, vlees(waren). Liefst uit diverse culturen. De markt in Amstelveen heeft dat gelukkig nog wel. Die markt is nog geel divers. De Albert Cuyp, daar kom ik al haren niet meer. Een vreselijke markt. Eigenlijk geen enkele (dag)markt in Amsterdam heeft wat ik zoek. Op de Noordermarkt koopt mijn man nog wel eens verse krielkipjes. Zijn bijna nergens te koop. Er komt veel te veel kledingkramen op de markten tegenwoordig. Amstelveen is voor mij een prima optie.