Deel 5: Lief dagboek

Omroep: MAX

Duur: 0:03:40

Uitzending: ma 4 apr 2016 00:00

Deel 5: Lief dagboek

Een van de best verkochte boeken ter wereld is het dagboek van Anne Frank. We zijn gelukkig niet allemaal joodse meisjes in de Tweede Wereldoorlog, maar door een dagboek bij te houden kunt u het schrijven oefenen.

Discipline

Schaf een dagboek of notitieboek aan en schrijf er elke dag in. Ook als u niets bijzonders hebt meegemaakt. Durf te krassen en fouten te maken. Het hoeft niet uitgegeven te worden.

Het dagboek van een ander

Het kan ook leerzaam zijn om te doen alsof u iemand anders bent. Kies een bekend of juist fictief personage en schrijf zijn of haar dagboek. Zo leert u zich in te leven in een ander.

Thuisopdracht

Schrijf een pagina uit het dagboek van iemand die u kent. Mail hem naar die persoon en probeer erachter te komen of het een beetje klopt.

In deel 6 maakt Michel duidelijk dat u allerlei keuzes moet maken, als u een verhaal gaat schrijven. Klik hier als u terug wilt naar het overzicht van de cursus.

Geef een reactie

Reacties (6)

  1. Truus Meijering says:

    Lief dagboek, vandaag zaterdag 16 april.
    Bij de uitgang van de supermarkt zaten op een hekje 5 jongens (9 a 10 jaar) met een blikje drinken.
    Mijn man zei smaakt het jongens ? gelijk met zn. allen de hand opstekend roepend: ‘ hai faif ‘ Ik zeg wij hebben vroeger op school geen Engelse les gehad maar ik denk dat het betekend , Geef me de Vijf.
    Na de 5 hand aanrakingen, zeggen ze ; meneer en mevrouw wij wensen U een mooie dag toe! Dank je, voor jullie ook. Onze dag is weer goed.
    Geweldig zulke boys, ik zou ze willen knuffelen ( evenals onze achterkleinkinderen). Truus.

  2. Loizza says:

    Pagina uit het dagboek van m’n zoon

    Vandaag vroeg op vanwege een grote klus bij een brandweerkazerne. Om zeven uur kwam de baas me halen want we moesten zeker drie uur rijden naar de volgende stad en onderweg ook nog de materialen ophalen die we besteld hadden voor deze opdracht.
    Vijf opklapbedden in het kantoor van de kazerne voor de nachtdienst. Bedden die ter plekke in elkaar gezet worden met een mooie houten wand ervoor zodat er ook vergaderd kan worden. Met z’n drieen deden we de klus. Toffe gozers, die brandweerlui; ze bleven maar eten voor ons aanslepen en hielpen met het verplaatsen van de zware stukken.
    Onderweg was het best spannend toen we met onze zwaar beladen wagen in een sneeuwbui terecht kwamen en ineens geen hand meer voor ogen konden zien. Langzaam voortkruipend over de steeds gladder wordende weg bleven anderen met dezelfde snelheid doorkarren en die passeerden we later weer; in de berm, in de vangrail, op z’n kop of in innige omhelzing met een andere maniak. Pfffft, heftig was dat. Volgens m’n baas maakt hij al jaren niet anders mee; onbegrijpelijk.
    Even later, toen we uit het dal vandaan over de heuveltop reden was ineens de sneeuw over en toen, ongelooflijk maar waar, stond daar op zo’n tien meter van de weg een eland. Woooow, ik had ervan gehoord maar om er nu een in levende lijve te zien, dat wilde ik echt in m’n dagboek zetten. Straks dit ook even naar m’n moeder mailen. Een foto maken lukte helaas niet, daarvoor ging het te snel.
    Ook al hebben we keihard gewerkt, we kregen de klus niet klaar. Omdat we morgen een andere opdracht hebben zijn we naar huis gereden, anders waren we daar blijven slapen. Volgende week gaan we terug. Fijn om thuis te komen in mijn eigen huis en Jessica heeft heerlijk voor ons gekookt. Nu slapen want morgen weer vroeg op.

  3. Ank van Gulik says:

    Dagboek van Bea 88 jaar
    Ook deze nacht werd ik wat vaak wakker. Mijn dikke benen hinderen me als ik naar toilet moet. Maar morgen ga ik eten, hiernaast. Mijn buurvrouw die veel jonger is en vrolijk maande me om de diepvrieskist op zolder leeg te maken. Ik geef haar het hertenvlees dat er al in ligt vanaf kerst. ‘Joh Bea je hebt toch geen drie teeners meer in huis. En je zult zien dat het bespaart op electra’ zei ze. Ze is erg goed met dat soort dingen.’
    En inderdaad, eigenlijk heeft het geen zin die oude diepvries op zolder. Het is een hele klim als ik er iets uit wil hebben. Teeners heb ik niet meer in huis, mijn oudste zoon is 59 en de jongste Nicole wordt 47.
    Toen ik aankwam, na mijn middag bridgen was de tafel al heel feestelijk gedekt met blauwe borden op een groot wit onderbord. Kobalt blauwe kandelaar en bijpassende messenleggers. Het is altijd zo leuk en licht, terwijl zij toch ook haar man verloren heeft en zo plots. Ik weet niet of ik er langer over heb gedaan om de dood van mijn man te accepteren. Maar het is plezierig om een buurvrouw te hebben die licht is en experimenteert en voor de grap zegt: welk project pakken we nu eens aan, nu je zolder diepvries leeg is ? We praten veel en ze zegt me het leuk te vinden, want ik klaag niet en gedraag me ook niet als een zielig slachtoffer. Dat is mijn aard niet. Wel luisteren we goed naar elkaar. Buren als vrienden. Vandaag ben ik verder alleen, maar na gisteren hindert dat niet. Ik ga eens koffie zetten voor mezelf.

  4. Cesaria says:

    Dagboek van Louise.
    Vandaag is het een spannende dag geweest. Vanmorgen ben ik naar de TV studio’s geweest voor het kookprogramma ‘de dagelijkse keuken’. Ik mocht meekoken met een Marie, de beroemde Marie. Onlangs kocht ik haar nieuwste boek en ik heb het meegenomen om het te laten signeren. Achter de schermen was het enorm druk. Ik zag hoe zo’n programma werd gemaakt en wat daar allemaal komt bij kijken Het is hard werken en daar schrok ik wel van. Het is een ervaring die ik nooit zal vergeten en ik heb er toch wel één en ander van opgestoken. Alle dagen kijk ik naar het programma en nu was ik daar live aanwezig. Prachtig. De crew was druk bezig maar vriendelijk en ze hebben al mijn vragen beantwoord. Vrienden en familie hebben het programma gezien en ik krijg dan ook voortdurend berichtjes, tot nu toe allemaal positief. Ik had niemand verwittigd en wou het zien als een verrassing. Het was een supermooie dag maar vermoeiend. Een dag om nooit te vergeten!
    Louise

  5. Bertasdottir says:

    Lief dagboek,
    Vanaf vandaag, maandag 12 mei, ben ik voor de tweede keer dit jaar dakloos geworden. Tot vandaag woonde ik een stacaravan op een camping in het Noord-Hollandse Opmeer. De eigenaar kwam vorige maand met het bericht dat ik eruit moest. “Je wist vantevore dat je maar effe kon blijfe”, siste hij me toe in zijn zangerig dialect. “Me dochter heb geen dak meer bofe d’r hoofd”. Dat ik dan geen dak meer boven mijn hoofd heb, maakte hem niet uit. “Eige flees en bloed hè”! En daar moest ik het mee doen. Ik zit nu in de trein van Hoorn naar Amsterdam, met mijn Samsonitekoffertje dat sinds januari mijn trouwe metgezel is. Hoe ironisch: ooit een cadeau van mijn schoonouders. Het ritje op dit traject stemt me zwaarmoedig, vooral de stoptrein die treurige stations aandoet. Er stapt nauwelijks iemand in of uit. Gezelligheid is op dit traject ver te zoeken. De zware cacaolucht dringt de coupé binnen. Ik sluit mijn ogen om verdere indrukken buiten te sluiten. Pas in Amsterdam doe ik mijn ogen open. De mij bekende Spaarndammerbuurt ligt er vertrouwd bij. De treinwielen rijden al knarsend over een ijzeren brug. Aan de rechterkant ligt het gebouw van de Regenboog, opvang voor daklozen. Daar zal ik naar toe gaan als ik geen kamer vind in het Botel. Triestheid overvalt me als ik daaraan denk. Vlak voordat ik van de roltrap stap valt mijn oog op een aanplakbiljet in de vorm van een achterkant van een envelop: ‘Onderdak en werk’ staat er in grote zwarte vetgedrukte letters, plus telefoonnummer. Ik bel het nummer, een doorrookte stem zegt: “Hellooooow”. Opeens vertrouw ik het niet. Wat zou hierachter zitten? Een hoerenkast? Een drugskartel? Mensenhandel? Ik hang snel op. Buiten het station sla ik links af richting Botel. Mijn koffertje rolt hortend en stotend over het Amsterdamse plaveisel.

  6. Walgro says:

    Dagboek van Dusty

    Mijn bazinnetje komt me uit de bench halen. Even lekker uitstreken. Dan naar de serre waar ik even lekker kan rollen op de vloerbedekking.
    Mijn vrouwtje gaat brood smeren. Toch eens even kijken of er niets op de grond valt en daarna streek ik me uit op de bank en gluur de keuken in om te kijken of er toch echt niets op de grond valt.
    Ik hoor het baasje naar beneden komen. Balen dan moet ik mee gaan wandelen. Hier heb ik dus geen zin in. Onderweg kom ik steeds vervelende honden tegen die aan me beginnen te snuffelen. Ook op plekken die ik niet wil.
    Na ons dagelijks rondje gaan mijn baasjes ontbijten en meestal hebben ze wel een lekker stukje kaas.
    Daarna ga ik weer lekker op de bank liggen. Even wel goed zoeken welk hoekje van de bank lekker ligt. De ochtend zon valt lekker binnen, dus een plekje in de zon is dan wel lekker. Gewoon ongegeneerd met de pootjes in de lucht. Als hond mag dat, want ik ben toch heel liefelijk.
    Tussendoor even blaffen als er iemand langs loopt over het trottoir. Je komt toch in mijn territorium. Hier ben ik de baas.
    Rond 12 uur moet ik weer mee, de baas uitlaten. Waarom kan hij niet alleen en moet ik altijd mee? Ik probeer me nog tegen te houden maar uiteindelijk loop ik dan maar mee. Dan zal ik maar ondertussen een plasje doen. Als ik dan toch mee moet.
    In de middag weer lekker rusten en af en toe gaan verliggen. Wat heb ik een zwaar leven. Mijn baasjes gaan even weg en dan moet ik in de keuken liggen met een lekker muziekje op de achtergrond.
    5 uur weer het zelfde verhaal, het baasje wil gaan wandelen en ik moet weer mee, WAAROM?
    Als we terugkomen staat het eten op tafel. Ik denk dat ik daar ergens bij ga liggen, wie weet valt er iets op de grond. Dan hoeven mij baasjes het niet op te ruimen.
    Hierna maar even uitbuiken op de bank. Als de televisie aangaat komt mijn bazin bij mij zitten en wordt ik lekker geknuffeld. Heerlijk en lekker warm. Daar doe ik het voor.
    ‘S-avonds het baasje nog even uitgelaten en daarna in de bench. Weer een zware dag gehad.