Geluksdieren

“Goedemorgen mensen, leuk dat u er bent. Ik ben Job en ik ga u iets vertellen over de dieren op de Pampa.” Om mij heen staat een groepje bezoekers, in afwachting van het verhaal. Elke dag kunt u in ARTIS dierenverzorgers tegenkomen die graag iets vertellen over de dieren in het park. Vandaag mag ik het verhaal vertellen op de Pampa.

Spugende lama’s

Op de pampa leeft een grote groep verschillende soorten Zuid-Amerikaanse dieren samen. Het verblijf is groot en dat maakt dat niet alle dieren gelijk zichtbaar zijn. Daarom geef ik tijdens het verhaal graag wat kijktips mee aan de bezoekers. Achter mij staan 2 lama’s rustig hooi te herkauwen. Zij zijn een goede eerste diersoort om te bespreken. Ik vraag aan de bezoekers of ze iets weten over de lama. “Ze spugen!”, roept een meisje. Enthousiast geeft ze aan haar antwoord een gevolg. “Kijk zo!” Ze tuit haar lippen, maar nog voordat ze haar imitatie van de lama kan inzetten, grijpt haar oma in. “Waag het niet jongedame. Spugen in de dierentuin, dat mogen alleen de lama’s.”

Grote mara’s

Ik vervolg mijn verhaal door te wijzen naar de grote vijver, verderop. Die vijver leert dat er ook dieren op de Pampa leven die graag zwemmen. Het zijn de capibara, het grootste knaagdier ter wereld. En ook de laaglandtapir is een fantastische zwemmer. Dan loopt de vicugna voorbij. Modeliefhebbers zullen hem kennen van de dure wol. En de diepe holen in de grond worden gegraven door de grote mara’s. Ik wijs naar zo’n hol en verklap dat daarin afgelopen nacht een drachtige mara haar jongen heeft geworpen. Heel soms, als je geluk hebt, komen ze naar buiten en kun je ze zien. “Waarom nu niet?”, vraagt een jongetje. Onder zijn arm draagt hij een knuffel van een miereneter. “Ik denk dat ze slapen,” zeg ik. “Als je net geboren bent slaap je nog heel veel. Net als jouw miereneter.” Ik wijs naar zijn knuffel en vervolgens naar een zwartgrijze bol verderop. “Kijk, daar ligt een grote miereneter. Ze slaapt. Je ziet haar bijna niet. Het mannetje zie je nu ook niet. Die slaapt in zijn warme binnenverblijf. Pas als het gaat schemeren, dan worden ze actief.” “Lekker dan,” zegt een dame in de groep. “Dus als wij naar huis zijn, kun je ze goed zien. Waarom hebben jullie dieren die zich niet laten zien?”

Het blijft niet bij slapen alleen

Een intrigerende vraag. Je gaat naar de dierentuin om dieren te zien. Maar is het erg om niet alle dieren gezien te hebben? De miereneters slapen vaak overdag, maar dat maakt ze niet onbelangrijk. Ons stel grote miereneters bracht in 2008 hun eerste jong op de wereld. De eerste grote miereneter die ooit in Nederland werd geboren. Sindsdien volgden er nog 3 jongen, waarmee de miereneters een belangrijke bijdrage leverden aan het internationale fokprogramma van deze bedreigde diersoort. Het blijft dus niet bij slapen alleen.

Geluksdieren

“Zijn ze dan helemaal nooit te zien?,” vraagt de jongen met de knuffel. “Toch wel,” zeg ik. “Maar net als bij de grote mara’s, moet je een beetje geluk hebben.” Maar als die grote miereneter dan ineens voorbij loopt, dan maakt het je bezoek extra bijzonder. En zo zijn er meer van dat soort ‘geluksdieren’, die zich af en toe laten zien. “Ga maar eens op zoek naar de knoflookpad in het Aquarium. En heb je de alpenmarmotten wel eens gezien? Vergeet ook niet te kijken naar de bomen en de struiken. Ze zijn het hele jaar zichtbaar, maar nu staan ze in bloei. Bekijk hun prachtige bloemen nu je de kans hebt. En natuurlijk de bijen en vlinders die op ze afkomen!”

Onzichtbare dieren

Ik kijk naar de bezoekers. Zouden ze na mijn pleidooi daadwerkelijk op zoek gaan naar die onzichtbare dieren? Plots denk ik aan de tijd en kijk verschrikt naar de klok op mijn telefoon. Mijn verhaal duurt al veel te lang. Ik bedank de bezoekers voor hun aandacht en vertel ze dat het verhaal bij de jaguars op het punt staat te beginnen. De bezoekers lopen richting het jaguarverblijf. De grote gevlekte roofkat ziet ze vanuit haar hoge boom al aankomen. Alleen de jongen met de miereneterknuffel blijft staan. Hij trekt me aan mijn mouw en wijst naar het gat in de grond. “Kijk,” zegt hij, “de jonge mara’s.”

(Foto: ARTIS, Edwin Butter)

Geef een reactie