Februaristaking

De Februaristaking van 1941, het enige openlijke protest tegen de Jodenvervolging in Europa

De Februaristaking van 1941, nu 80 jaar geleden, is een protest van Nederlandse arbeiders tegen de Duitse Jodenvervolging in ons land. De Duitsers slaan dat protest hard neer. De staking is één van de belangrijkste verzetsdaden van Nederlanders tegen de bezetter tijdens de Tweede Wereldoorlog.

De staking is een reactie op de 1e grote razzia in Amsterdam door de Duitsers. Ongeveer 400 Joodse mannen worden opgepakt en weggevoerd. 3 dagen later ligt het openbare leven in Amsterdam plat en protesteren tienduizenden stakers in de straten van Amsterdam tegen de Jodenvervolging. De staking slaat over naar andere steden in ons land. De Februaristaking is het enige openlijke protest tegen de Jodenvervolging in Europa.

Amsterdam is honderden jaren lang een plaats waar Joden niet worden vervolgd. In 1940 is zo’n 10 procent van de Amsterdamse bevolking van Joodse afkomst. Er is relatief weinig antisemitisme in Nederland en niet-Joden gaan op zondag graag naar de Jodenbuurt, bijvoorbeeld naar de Joodse markt in de Uilenburgstraat. Voor Joden is niet zondag, maar zaterdag de rustdag, de sabbat. Als de Duitsers in mei 1940 ons land bezetten, lijkt er aanvankelijk nog niets aan de hand. Maar al snel komt er een eind aan de vrijheid die Joden in Amsterdam en elders in Nederland genieten en worden zij door de Duisters vervolgd vanwege hun afkomst.

Aanleidingen voor de razzia

Nadat de Duitsers in mei 1945 Nederland bezetten, willen ze ons land geleidelijk rijp maken voor het nationaalsocialisme. We zijn volgens de Duitsers immers een Arisch broedervolk. Het leven wordt na de inval min of meer weer normaal en Duitse soldaten hangen graag de toerist uit in ons land en laten zich fotograferen met Nederlandse kinderen. Gaandeweg voeren de Duitsers anti-Joodse maatregelen in. Vanaf eind 1940 mogen Joden niet meer overheidsfuncties bekleden en vanaf januari 1941 is het verboden voor joden om aan de universiteit te studeren. Ook mogen Joden hun dieren niet meer ritueel slachten. Joodse gemeenteraadsleden en leden van Gedeputeerde en Provinciale Staten moeten hun zetels opgeven. Joodse artsen, vroedvrouwen, advocaten en makelaars mogen alleen Joodse mensen bijstaan en Joden mogen niet meer naar de bioscoop. Op 10 januari verplichten de Duitsers alle Joden in Nederland zich te laten registreren. Het is het begin van het proces van de Duitsers om Nederland van Joden te zuiveren.

Vanaf mei 1940 is het weer toegestaan voor de geüniformeerde ordedienst en knokploeg van de NSB, de Weerbaarheidsafdeling (WA), om in uniform door de straten te marcheren. Eind 1940 beginnen ze met het stelen van Joodse ondernemers en slaan ze Joden in elkaar in de Jodenbuurt van Amsterdam. WA’ers dwingen caféhouders borden op te hangen met de tekst ‘Joden niet gewenscht’. Vooral Joodse jongeren verweren zich met stokken en boksbeugels. Café Alcazar aan het Amsterdamse Thorbeckeplein is een gelegenheid waar veel Joodse bezoekers komen en waar Joodse artiesten optreden. Dat is voor de WA de aanleiding om er op 9 februari 1941 langs te gaan en de boel kort en klein te slaan. Ook andere etablissementen, zoals Lunchroom Heck, krijgen bezoek van de WA. Er raken 23 mensen gewond.

Op het Waterlooplein komt het op 11 februari tot een grote knokpartij tussen de Joodse knokploegen, communisten en de WA. Daarbij komt WA-man Hendrik Koot om het leven. De Duitsers buiten de dood van Koot uit: Reichsführer-SS Heinrich Himmler krijgt een foto te zien van de dode Koot, waarbij wordt verteld dat een Jood zich zou hebben vastgebeten in de nek van Koot en het bloed er zou hebben uitgezogen als een vampier! Daar klopt niets van, maar het werkt goed als propaganda.

IJssalon Koco aan de Van Woustraat wordt gedreven door de Joodse vluchtelingen Ernst Cahn en Alfred Kohn. Het is een uitvalsbasis van Joodse knokploegen. Op 19 februari 1941 doet de Grüne Polizei een inval in de ijssalon. Tussen de Grüne Polizei en Joodse en niet-Joodse mensen ontstaat een hevige knokpartij, waarbij ammoniakgas wordt gebruikt. 6 mensen, onder wie de eigenaren, worden gearresteerd. Op 3 maart 1941 wordt Ernst Cahn op de Waalsdorpervlakte geëxecuteerd. Hij is daarmee de 1e verzetsstrijder die daar door de Duitsers wordt doodgeschoten. Alfred Kohn overlijdt in concentratiekamp Auschwitz.

Hanns Albin Rauter, de Höhere SS- und Polizeiführer en generaal commissaris voor veiligheid in Nederland en Rijkscommissaris van Nederland Arthur Seyss-Inquart rapporteren de gebeurtenissen aan Reichsführer-SS Heinrich Himmler. De Duitsers zijn klaar met de zachte aanpak. Himmler wil wraak en geeft opdracht om Joden op te pakken. Zoals gezegd worden op zaterdag 22 en zondag 23 februari tijdens een razzia ongeveer 400 Joodse mannen opgepakt en samengebracht op het Jonas Daniël Meijerplein.

Razzia

Ze worden uit hun huizen gejaagd of van hun fiets getrokken. De Duitsers drijven ze bijeen en de mannen moeten met hun handen omhoog op hun hurken zitten. Op 2 na worden deze onschuldige mensen door de Duitsers vermoord.

Het Jonas Daniël Meijerplein, met een bekende foto uit de Tweede Wereldoorlog. Op de foto is de razzia te zien op een groep joodse mannen, de aanleiding van de Februaristaking.

In februari 2021 publiceert gastconservator van het Stadsarchief in Amsterdam Wally de Lang een boek waarin zij stelt dat op zijn minst 108 van de opgepakte Joodse mannen in 1941 zijn vergast in het Oostenrijkse kasteel Hartheim. Het kasteel wordt door de nazi’s gebruikt om het vergassen van mensen te testen waarna de moordmethode op grote schaal is toegepast in de concentratiekampen. Zeker 108 maar wellicht zelfs 150 Amsterdamse Joden zijn zo gebruikt als proefpersoon.

Februaristaking

De CPN roept in pamfletten op tot een staking tegen de Jodenvervolging. ‘Staakt!!!!, Staakt!!!!, Staakt!!!!’, staat met hoofdletters op het pamflet geschreven. De staking zou al op maandag plaatsvinden, maar er zijn niet genoeg mensen. Op maandagavond vindt op de Noordermarkt door CPN ’ers een bijeenkomst plaats waarop opdracht wordt gegeven aan alle afdelingen om te staken. Op dinsdag 25 februari begint de staking. Veel mensen geven gehoor aan de oproep. Zo rijden er op 25 februari 1941 geen trams in Amsterdam, hetgeen een signaal is aan alle Amsterdammers dat er iets aan de hand is. Trams worden uit de rails geduwd. ‘Blijf met je rotpoten van onze rotjoden af’ is een veelgehoorde leus. Communistische gemeentearbeiders gaan naar Amsterdam-Noord om arbeiders te motiveren om te staken. Daar leggen arbeiders van de Nederlandse Scheepsbouw Maatschappij en de Nederlandse Dok Maatschappij het werk neer. De stakers gaan naar Fokker, Hollandia Kattenburg, Verschuren, Draka, de Amsterdamse Dok Maatschappij, Kromhout en andere fabrieken, waarop de arbeiders in staking gaan. Er ontstaat een spontane volksactie om aan de staking mee te doen: mensen die nog nooit hebben gedemonstreerd, gaan de straten op. Bedrijven en scholen lopen leeg. De staking slaat ook over naar plaatsen buiten Amsterdam. In Haarlem, IJmuiden, Velsen-Noord, de Zaanstreek, Utrecht en het Gooi leggen mensen op grote schaal het werk neer. In de Zaanstreek valt een dode te betreuren. Het is de 20-jarige slagersknecht Jan Keijzer, die door een Duitse kogel wordt getroffen als hij staat te kijken naar demonstrerende stakers.

Niet alleen de organisatoren verbazen zich over de grote navolging op de stakingsoproep, ook de Duitsers zijn stomverbaasd. “Streik gibt es nicht im Dritten Reich, er wordt niet gestaakt in het Derde Rijk”, zegt Rauter. Toch is de staking een feit. De ponten over het IJ in Amsterdam blijven varen om de stakers vanuit Amsterdam-Noord naar de binnenstad te vervoeren. De stakers lopen over de straten en langs de kant staan Duitse soldaten met geweren. De Wehrmacht wordt op de 2e stakingsdag erop afgestuurd en schiet mensen neer. Stakers zoeken in paniek een veilig heenkomen en de staking is voorbij.

Gevolgen

De Duitsers breken de staking dus met geweld. Er vallen 9 doden, 24 gewonden en veel stakers worden gevangen gezet. De staking wordt mede beëindigd omdat het Amsterdamse gemeentebestuur oproept om het werk te hervatten. De Duitsers delen hoge boetes uit: zo moet Amsterdam 15 miljoen gulden betalen. Ook moet de Amsterdamse burgemeester De Vlugt het veld ruimen. 22 communisten worden veroordeeld tot lange en zware tuchtstraffen. Op 13 maart 1941 fusilleren de Duitsers 3 initiatiefnemers van de Februaristaking. Het zijn de communisten Hermanus Coenradi, Joseph Eijl en Eduard Hellendoorn. Eén van de initiatiefnemers van de tramstaking, Joop IJisberg, wordt maanden later gearresteerd en in november 1942 in Soesterberg door de Duitsers doodgeschoten.

De Februaristaking is vooral van symbolische aard geweest. De staking is voor sommigen een aanleiding om in verzet te komen. Met de eerste razzia in Amsterdam en de het neerslaan van de Februaristaking laat de bezetter zijn ware gezicht zien.

Eind april en begin mei 1943 breekt een nog grotere staking uit in Nederland. Het is een staking tegen de gedwongen arbeidsinzet in Duitsland. Van Groningen tot Limburg worden stakers gearresteerd. Er vallen ongeveer 200 doden als gevolg van standrechtelijke executies en bij beschietingen in de straten. Deze staking gaat grotendeels aan Amsterdam voorbij: als gevolg van het bloedige neerslaan van de Februaristaking zit de schrik er in de hoofdstad nog goed in. De 3e staking die tijdens de oorlog wordt georganiseerd, is de spoorwegstaking van eind 1944.

Op het Jonas Daniël Meijerplein in Amsterdam staat sinds december 1952 het standbeeld van de Dokwerker, dat in opdracht van het gemeentebestuur van Amsterdam is gemaakt door beeldhouwer Mari Andriessen ter nagedachtenis aan de Februaristaking. De Haarlemse timmerman en aannemer Willem Termetz staat model voor het standbeeld. Jaarlijks wordt voor de Dokwerker op 25 februari de Februaristaking herdacht.

De Dokwerker

Koningin Juliana en prins Bernhard leggen een krans ter gelegenheid van de onthulling van ‘ de Dokwerker’ aan het Jonas Daniel Meyerplein.

De Februaristaking is in ons land mede zo belangrijk geworden, omdat uit Nederland heel veel Joden zijn gedeporteerd in vergelijking met andere landen. De moedige actie van de staking staat in schril contrast met de laffe daden van landverraders die Joodse mensen hebben verraden. Uiteindelijk worden meer dan 100.000 Joden gedeporteerd vanuit Nederland naar de concentratiekampen.

Op donderdag 25 februari 2021 wordt de Februaristaking herdacht. De herdenking vindt dit jaar plaats met een beperkt gezelschap, zonder publiek en zonder defilé. De NOS zendt de herdenking om 16.30 uur uit.

(Bron: Joodsamsterdam.nl, WordPress.com, Verzetsmuseum.org, Februaristaking.nl, Historiek.net, Noordhollandsdagblad.nl, Tracesofwar.nl, Oorlogsbronnen.nl, Amsterdam.nl, NPOstart.nl, 2Doc.nl-De stakende stad, Wally de Lang, NRC.nl, Wikipedia.)

Geef een reactie