Richtingsgevoel

Waarom is uw richtingsgevoel beter als u van het platteland komt?

Kunt u altijd blindelings de weg vinden? Of heeft u een navigatie nodig als u ergens komt waar u nog nooit eerder bent geweest? Het kan te maken hebben met de omgeving waarin u bent geboren. Volgens wetenschappelijk onderzoek hebben mensen van het platteland een beter ontwikkeld richtingsgevoel dan stedelingen. Hoe is dat te verklaren?

Hoe is het richtingsgevoel onderzocht?

Een internationale groep onderzoekers heeft de bevindingen begin 2022 naar buiten gebracht in het tijdschrift Nature. Het onderzoek naar richtingsgevoel is ontworpen als videospelletje. De bijna 400.000 respondenten moeten hun weg zien te vinden in grotere en kleinere virtuele omgevingen. Respondenten die buiten de stad zijn geboren zijn hier vaak beter in dan de stedelingen, is de belangrijkste conclusie van het onderzoek.

Waar komt dit door?

U leert in uw jeugd een bepaald oriëntatievermogen aan dat u de rest van uw leven blijft gebruiken. De omgeving waarin u opgroeit is cruciaal voor de ontwikkeling van uw richtingsgevoel. Mensen van het platteland leren al jong om herkenningspunten te zoeken en zo zichzelf te oriënteren in een grote omgeving.

En als u juist in een stad met een duidelijk, overzichtelijk en regelmatig stratenplan opgroeit? Dan hoeft u relatief weinig afstand af te leggen voor de meeste praktische zaken. U kent uw eigen leefomgeving, maar dan verdwaalt u wel makkelijker in grote landelijke omgevingen of in complexer opgebouwde steden.

links rechts
Lees ook: Haalt u links en rechts door elkaar? Hier komt dat door

Hoe groot is dit verschil in richtingsgevoel?

Hoe ouder u wordt, hoe meer uw navigatievermogen achteruit gaat. Bij mensen die op het platteland opgroeien – die dus sowieso al beter zijn in het vinden van de weg – gaat dit minder hard dan bij geboren stedelingen. “Nu zien we dat mensen die zijn opgegroeid in een gebied met een rechthoekig stratenpatroon qua navigatie op hetzelfde niveau zitten als plattelandsmensen die 5 jaar ouder zijn dan zij. En in sommige gebieden was dat verschil nog groter”, citeert De Volkskrant Hugo Spiers, één van de onderzoekers.

Wat kunnen we hier nog meer uit concluderen?

Eerder onderzoek heeft al aangetoond dat groene omgevingen – dat kunnen overigens ook stadsparken zijn – een positief effect op uw hersenactiviteit hebben. Als u opgroeit in zo’n groene omgeving, is dat dus goed voor uw hersenen en voor uw richtingsgevoel. Zou het ook tegen dementie kunnen helpen om een rondje te maken in de natuur of in een park? Dementieverschijnselen hangen immers vaak samen met hersenactiviteit en richtingsgevoel.

Het lijkt een voor de hand liggende conclusie, maar dit zou wel eerst verder onderzocht moeten worden. Uit Taiwanese en Chinese studies blijkt overigens een tegenovergestelde trend. Op het platteland komt meer dementie voor dan in de steden, is de strekking van dat onderzoek. Want buiten de stad is gezondheidszorg en andere medische hulp verder weg en minder beschikbaar dan in de stad. Uiteraard is dat verschil tussen stad en platteland in Nederland minder groot. Maar alsnog: leven in een stad en op het platteland heeft allebei zo zijn voor- en nadelen, blijkt maar weer.

(Bron: Nature, Research In Transportation Economics, De Volkskrant, Environmental Neuroscience Lab, National Library of Medicine, Alzheimers Dement. Foto: Shutterstock)

Geef een antwoord