De stadspoort de Waterpoort in Sneek

Paul Rem: ‘Stadspoorten herinneren ons eraan dat geschiedenis niet alleen in archieven of musea bewaard wordt, maar ook gewoon op straat’

Er zijn van die gebouwen waar we achteloos onderdoor lopen, zonder ons af te vragen waarom ze er eigenlijk staan. Een stadspoort is daarvan misschien wel het mooiste voorbeeld. Wandelaars en fietsers passeren ze dagelijks, toeristen maken er foto’s van, maar slechts weinigen realiseren zich dat deze monumenten ooit behoorden tot de belangrijkste gebouwen van een stad!

De stadspoort als grens tussen 2 werelden

Eeuwenlang vormde een stadspoort de grens tussen 2 werelden. Binnen lag de stad, met haar rechten, handel, veiligheid en bestuur. Buiten begon het platteland, met zijn akkers, weiden en soms ook gevaren. Wie de stad wilde binnengaan, moest door die stadspoort. Daar werd gecontroleerd wie er kwam, welke goederen werden meegebracht en of er belasting moest worden betaald. De poort was tegelijk een verdedigingswerk, een douanekantoor en een visitekaartje. Steden lieten er graag hun rijkdom en macht mee zien. Een stadspoort betekende veiligheid.

Wie tegenwoordig door Nederland fietst of wandelt, komt nog verrassend veel stadspoorten tegen, al zijn het er slechts enkele tientallen van de vele honderden die ooit hebben bestaan. Een van de bekendste is de Sassenpoort in Zwolle, een indrukwekkende laatmiddeleeuwse poort met zware torens die nog altijd de toegang tot de historische binnenstad markeert. Ook de Koppelpoort in Amersfoort behoort tot de mooiste van ons land. Zij is bijzonder omdat zij zowel een landpoort als een waterpoort is, een zeldzame combinatie! In Haarlem staat de kasteelachtige Amsterdamse Poort nog fier overeind, terwijl in Maastricht de Helpoort zelfs geldt als de oudste nog bestaande stadspoort van Nederland.

Elke een eigen plaats en betekenis

Elke poort had haar eigen plaats en betekenis. Vaak lag zij aan een belangrijke uitvalsweg naar een naburige stad. De Amsterdamse Poort in Haarlem stond aan de route naar Amsterdam. De Zandpoort in Elburg keek uit over de verbinding met de Veluwe. De Koepoort in Middelburg en de Waterpoort in Sneek herinneren aan handelsroutes over land en water. De ligging van een stadspoort vertelt daardoor vaak nog iets over de geografie en de economische relaties van een stad.

Opmerkelijk is dat sommige poorten nog steeds functioneren waarvoor zij ooit zijn gebouwd: als doorgang, als sluis van en naar het stadscentrum. Natuurlijk marcheren er geen soldaten meer doorheen en wordt er geen tol geheven, maar wandelaars, fietsers en soms zelfs auto’s maken nog dagelijks gebruik van deze eeuwenoude doorgangen. De poort blijft daarmee een grens markeren, niet meer tussen stad en buitenwereld, maar tussen het hedendaagse verkeer en het historische hart van de stad.

Einde van een tijdperk

Toch kwam aan het tijdperk van de stadspoorten een einde. In de 19e eeuw veranderde Nederland ingrijpend. De militaire betekenis van stadsmuren en omwallingen nam af door de ontwikkeling van krachtiger geschut. Bovendien groeiden steden sterk. De oude omwallingen vormden steeds vaker een belemmering voor verkeer, uitbreiding en economische ontwikkeling. Tussen ongeveer 1850 en 1900 verdwenen daarom op veel plaatsen stadsmuren, bolwerken en poorten. Ze werden afgebroken om ruimte te maken voor bredere wegen, singels en nieuwe wijken. Wat eeuwenlang als onmisbaar was beschouwd, werd plotseling gezien als hinderlijk en ouderwets.

Dat verklaart waarom er tegenwoordig nog maar een klein deel resteert van wat ooit bestond. Nederland kende honderden stadspoorten. Precieze aantallen zijn lastig vast te stellen, omdat sommige steden meerdere poorten hadden die in de loop der eeuwen werden vervangen of verplaatst. Van dat enorme bestand zijn slechts enkele tientallen overgebleven. Het is een wonder dat zij de 19e-eeuwse sloopwoede hebben overleefd. Juist daarom verdienen deze monumenten onze aandacht. Een stadspoort vertelt een verhaal dat geen modern gebouw kan vertellen. Zij maakt zichtbaar hoe een stad zichzelf beschermde, hoe handel werd gecontroleerd en hoe inwoners hun omgeving beleefden. Een poort laat zien dat een stad ooit een begrensde gemeenschap was, met een duidelijke overgang tussen binnen en buiten.

Stadspoorten zijn onze geschiedenis op straat

Misschien is dat wel de grootste waarde van deze oude bouwwerken. Zij herinneren ons eraan dat geschiedenis niet alleen in archieven of musea bewaard wordt, maar ook gewoon op straat staat. In steen, baksteen en hout. Als stille wachters kijken zij al eeuwen naar de mensen die passeren. Generaties kwamen en gingen, paarden maakten plaats voor fietsen en auto’s, maar de poort bleef staan. En telkens wanneer ik onder zo’n poort doorloop, denk ik dat zij eigenlijk nog altijd doet waarvoor zij gebouwd werd: zij laat ons even stilstaan voordat wij de stad binnengaan. Dat alleen al maakt haar het koesteren waard.

Paul Rem is architectuur- en kunsthistoricus en conservator op Paleis Het Loo. Hij is bestuurslid van diverse musea, internationaal erkend expert ‘Oude meubelen’ en lid van het ‘TEFAF vetting committee’. Regelmatig schuift hij aan als tafelgast in Tijd voor MAX.  Maak ook eens een stadswandeling langs de Nederlandse bouwkunst met Paul Rem. Lees hier al zijn columns.

(Foto: de Waterpoort in Sneek/Shutterstock) 

Geef een reactie