Paul Rem: ‘Dat koningin Máxima de deuren opnieuw opent van Museum Het Valkhof, is meer dan ceremonieel’
Publicatiedatum: 25 mei 2026
Lintje, toespraak, applaus: op 4 juni 2026 opent koningin Máxima het vernieuwde Museum Het Valkhof in Nijmegen. Dat klinkt als een agenda-item, maar het is in werkelijkheid een moment waarin tijdlagen zich elegant over elkaar heen schuiven. Bij het Valkhof denken we niet alleen kunst en archeologie, maar ook aan een locatie van vorstelijk schuilen en bestuurlijke nervositeit. Het heden ontmoet hier zonder omhaal het verleden.
Meer ruimte voor de collecties
Het vernieuwde museum is, om te beginnen, een geschenk aan de toekomst. Duurzaamheid klinkt tegenwoordig als een plicht, maar in een museum is het een zorgvuldige oefening in evenwicht. Hoe bewaart men kwetsbare objecten met minder energie? Hoe houd je het gebouw toegankelijk en comfortabel zonder dat de klimaatinstallaties overuren maken? Het antwoord van Museum Het Valkhof is niet alleen technisch, maar ook esthetisch. De vernieuwing heeft geleid tot een helderder, rustiger presentatie, waarin het gebouw zelf minder nadrukkelijk aanwezig is en de collecties meer ruimte krijgen om te ademen. Dat is misschien wel de grootste luxe: aandacht.
Geen compromis
En wat voor collecties. Het Valkhof is een museum waar ‘Romeins Nederland’ tastbaar wordt, waar je bijna de nagels in de sandalen van de soldaten hoort knarsen. Tegelijkertijd biedt het museum moderne en hedendaagse kunst, waardoor de bezoeker een sprong maakt van de limes naar de verbeelding van nu. Die combinatie is geen compromis, maar een overtuiging: dat cultuur niet in tijdvakken uiteenvalt, maar zich voortdurend tot zichzelf verhoudt. Nijmegen (ooit Noviomages) draagt dat als oudste stad van Nederland met een zekere vanzelfsprekendheid.
Het Valkhof bood een schuilplaats
Maar er is nog een laag, minder zichtbaar voor de vluchtige bezoeker, die deze opening een bijzondere glans geeft. Het Valkhofterrein draagt herinneringen aan Oranjes die er niet op hun gemak waren. In de roerige jaren 80 van de 18e eeuw, toen de politieke spanningen in de Republiek opliepen, zocht stadhouder Willem V met zijn gezin veiliger oorden dan Den Haag. Eerst verbleef hij op Paleis Het Loo. Maar waar wij op de Veluwe nu bossen zien, strekte zich toen uitgestrekte heide uit, open terrein, moeilijk te verdedigen en daardoor kwetsbaar voor naderende troepen. Het Loo was destijds minder beschut dan wij geneigd zijn te denken.
Nijmegen, met zijn strategische ligging en vestingwerken, bood tijdelijk meer zekerheid. Op en rond het Valkhof vond de stadhouder een schuilplaats in een tijd die weinig zekerheid kende. De geschiedenis is hier niet alleen een verhaal van kunst en objecten, maar van mensen die hun weg zochten tussen dreiging en hoop. Dat prins Willem V korte tijd later in zijn bevoegdheden zou worden hersteld, geeft deze episode een bijna theatrale wending. De omzwervingen, de onzekerheid, en dan het herstel, heeft iets van een toneelstuk waarin de coulissen voortdurend verschuiven. Het Valkhof was in die voorstelling even een decor, maar wel één dat beklijft.
Meer dan ceremonieel
Misschien is dat wat het vernieuwde museum zo bijzonder maakt: het verbindt zonder nadruk het fragiele van toen met de zorgvuldigheid van nu. De verduurzaming is geen doel op zich, maar een eigentijdse vorm van zorg. Zorg voor collecties, voor bezoekers, en, in bredere zin, voor het geheugen van een historische locatie die al eeuwenlang betekenis draagt. Dat koningin Máxima juist hier de deuren opnieuw opent, is dan ook meer dan ceremonieel. Het is een bevestiging dat erfgoed leeft bij de gratie van onderhoud, aanpassing en aandacht.
Zo blijft het Valkhof wat het altijd is geweest: met een museum waar men verzamelt, beschut, kijkt en (al is het soms ongemerkt) nadenkt over wat blijft en wat verandert.
Paul Rem is architectuur- en kunsthistoricus en conservator op Paleis Het Loo. Hij is bestuurslid van diverse musea, internationaal erkend expert ‘Oude meubelen’ en lid van het ‘TEFAF vetting committee’. Regelmatig schuift hij aan als tafelgast in Tijd voor MAX. Maak ook eens een stadswandeling langs de Nederlandse bouwkunst met Paul Rem. Lees hier al zijn columns.
(Foto: Shutterstock)



