Lang leve de ‘oude’ media!

Ik werd laatst in het winkelcentrum aangesproken door een oudere dame. “U bent toch Jan Slagter van MAX?” Ze zei zich zorgen te maken, want haar kleinzoon had haar verteld dat televisie “hartstikke dood” was. Kon mevrouw de komende tijd nog wel genieten van haar favoriete programma’s, zo vroeg ze mij op de man af.

Geen garantie

Ik kan natuurlijk niemand garanderen dat diens favoriete radio- of tv-programma tot in lengte van dagen uitgezonden zal blijven worden. Bij de beslissing over het al dan niet continueren van een programma spelen allerlei verschillende factoren een rol. Bovendien hebben wij als omroepvereniging daar niet het laatste woord in. Het is een heel ingewikkeld proces, waar ik op deze plek misschien nog weleens nader op in zal gaan.

Schrikbeeld

Toen ik die mevrouw vroeg wat haar kleinzoon van 19 jaar nou precies bedoeld had met zijn opmerking, legde ze uit dat hij televisie maar een ouderwets medium vond. Hij en zijn vrienden brachten nog minder dan een uur per dag voor het tv-scherm door. Als hij een programma wilde zien, keek hij er wel ‘uitgesteld’ naar. Verder keek hij nog weleens naar Netflix en gebruikte het tv-scherm om te gamen. “Dat jong zit de hele dag maar op zijn mobiel”, aldus deze dame. Wat hij daar dan deed? “Precies weet ik het niet, maar hij zit altijd maar te appen met zijn vrienden en heeft het steeds over Facebook en Instagram. Social media noem je dat toch? Hij laat me soms op zijn telefoontje ook wel een filmpje zien van YouTube of Dumpert.” Mevrouw had zodoende het schrikbeeld gekregen dat televisiekijken een aflopende zaak was en dat het een kwestie van tijd was voordat iemand het laatste licht op het Mediapark zou uitdoen.

Springlevend

Nou, laat ik u verzekeren: televisie, en dat geldt ook voor andere ‘oude’ media als radio en print, is springlevend! Het is maar net door welke bril je naar de kijkcijfers kijkt. Piet Bakker, tot voor kort lector Crossmedia & Journalistiek aan de Hogeschool Utrecht, ontdekte deze maand dat de totale tv-tijd sinds 2015 gemiddeld met zo’n 4 procent per jaar afneemt. Maar dat geldt voor de ‘gemiddelde’ Nederlander en die bestaat natuurlijk niet, zegt Piet Bakker terecht.

Enorme verschillen

Als je de verschillende leeftijdscategorieën met elkaar vergelijkt, zoals Bakker heeft gedaan, zie je enorme verschillen. Het gemiddelde wordt omlaag getrokken door de jongere leeftijdscategorieën. De groep van 35 tot 49 jaar kijkt sinds 2014 per jaar zo’n 5 procent minder. De groep 20-34 laat een gemiddelde daling van 9 procent zien. De 13- tot 19-jarigen kijkt gemiddeld 15 procent minder per jaar en de allerjongsten, tussen de 6 en de 12 jaar, 13 procent minder. In tien jaar tijd daalde het aantal minuten dat de 4 jongste groepen keken met een derde.

Juist méér kijken!

Daardoor wordt de kloof met de 50-plussers steeds groter, want bij de senioren blijft de tv onverminderd populair. De 65-plussers kijken niet alleen veel, ze zijn sinds 2008 ook méér gaan kijken. In dat jaar werd het kijkgedrag van die leeftijdscategorie voor het eerst apart gemeten en bleken ouderen ruim 4 uur te kijken. In 2012 is dat aantal gestegen tot ruim 4,5 uur (280 minuten) en dat is sindsdien stabiel gebleven. De 50- tot 64-jarigen bereikten hun ‘hoogtepunt’ in 2014 en 2015 met 256 minuten kijktijd, daarna nam de kijkduur af tot net boven de 4 uur (243 minuten); een afname van 1 à 2 procent per jaar. 50-plussers keken in 2018 gemiddeld nog wel meer dan 4 uur per dag.

Eigenbelang

“Tv is dood en radio ligt ernaast. Het wordt anno 2019 zo makkelijk door iedereen geroepen”, schreef Sjaak Hoogkamer, hoofdredacteur van het vakblad MarketingTribune onlangs. Onthoud dit: iedereen die roept dat tv dood is of dood gaat, doet dat vanuit zijn eigen agenda. Het zijn vooral internetpartijen die op zoek zijn naar reclamebudgetten die nu nog vooral in televisie worden geïnvesteerd.

Gouden toekomst

Dit vond ik persoonlijk een echte eye-opener in de analyse van Piet Bakker: 65-plussers vormen nu 19 procent van de Nederlanders, 31 procent van de tv-kijkers, 45 procent van de NPO-kijkers, 27 procent van RTL/Talpa-kijkers en 65 procent van de regiotv-kijkers. Ik heb er de CBS-bevolkingsprognose van december 2018 nog eens op nageslagen: de bevolking van Nederland zal de komende jaren blijven groeien. In 2029 bereikt het inwonertal naar verwachting de 18 miljoen. Bijna een kwart van de bevolking zal dan 65 jaar of ouder zijn. Dat belooft een geweldige toekomst voor de televisie en zeker voor MAX!

Geef een reactie

Reactie

  1. Effie says:

    Als ik al die herhalingen in de gids van vandaag bekijk, moet ik wel concluderen dat de televisiebazen weinig rekening houden met hun trouwe kijkers en het medium op sterven ligt.