Koninklijk zwieren op zilver

Wat een jaar! Op een warme en lange zomer, volgde een mooie, zachte herfst. Maar de weersvoorspellers waarschuwen nu al voor een komende ‘horrorwinter’, een winter van extremen met veel overlast door ijzel en vorst… Daar kun je maar beter op voorbereid zijn. Dus komen de winterjassen, handschoenen, sjaals, snowboots en wollen mutsen maar vast tevoorschijn. En belangrijk: de schaatsen moeten geslepen en in het vet, want de ijspret komt er aan. Zwieren en baantjes trekken- het is een typisch Nederlands fenomeen. Op het ijs is iedereen gelijk: rijk en arm, jong en oud, koninklijk en ‘gewoon’.

 “Gereserveerd voor H.M. de Koningin”

Dat de wat stijve en zeer majesteitelijke koningin Wilhelmina een enthousiaste schaatsster was, bewijzen de schaatsijzers die van haar bewaard zijn gebleven. Zo zijn er zilveren doorlopers, echt iets voor een jong koninginnetje. Want of je op het ijs staat of niet, je bent en blijft een koningin. Ogenschijnlijk eenvoudige houten doorlopers zijn er ook nog, maar de ingelegde zilveren plaquettes met de gegraveerde gekroonde ‘W’ en het jaartal ‘1893’ verraadden van wie ze waren. Het zijn de jaren waarin Wilhelmina, als tiener, leert schaatsen, daarbij vast en zeker aangemoedigd door haar moeder koningin-regentes Emma, die een fervent schaatsrijdster was. Aanvankelijk werd tijdens strenge winters een ijsbaan in het Haagse Bosch voor het jonge koninginnetje gereserveerd. Tja, daar schaats je dan, met een lakei en een hofdame van je moeder, terwijl het voorbij het hekwerk een jolijt van jewelste is. Het tekent de eenzaamheid van Wilhelmina, als draagster van het hoogste ambt in het land, als enig kind. Gelukkig weten we ook dat de 14-jarige Wilhelmina een schaatstochtje maakte op de schaatsbaan van de ‘Zuidhollandsche IJsvereeniging’ nabij Voorburg. Ook nu was het weer een hofdame met wie Wilhelmina aan een stok heen en weer zwierde op het ijs. De grootmeester van koningin Emma hield een oogje in het zeil en een ordonnansofficier reed voorop: mocht het ijs te dun zijn, dan zakte hij er als eerste door en niet het toekomstige staatshoofd!

Naar Marken

Op oudere leeftijd zou Wilhelmina nog vaak op de schaats gesignaleerd worden, en gelukkig ook tussen het gewone schaatspubliek. Vaak in het gezelschap van haar hofdame en ook wel met prinses Juliana, die in 1917, op 8-jarige leeftijd, op de schaatsen staat. En is de winter erg streng, dan lijkt de barre tocht over de Gouwzee naar Marken (tot 1957 nog een echt eiland) een Oranje-traditie geweest te zijn. In de winter van 1947, het laatste jaar van haar langdurige regering, schaatste de toen 67 jaar oude koningin van de oever naar Marken. Haar dochter prinses Juliana maakte deze toch ook, maar dan op 24 januari 1940, een paar maanden voor de Duitse bezetting. Terwijl moeder Wilhelmina in de hofauto bleef zitten, reed de prinses, tezamen met enkele leden van de hofhouding, een gedeelte van de route op het bevroren water. Maar ook in de jaren daarvoor, in de late jaren 30, was Juliana een graag geziene gast op de IJsclubs, waaronder die van Amsterdam, op het Museumplein.

Elfstedentocht

Schaatsen, onze oude meesters laten het al zien, is iets typisch Nederlands. Om zo ‘Hollands’ mogelijk over te komen bezat onze allereerste koning, de Fransman Louis Bonaparte (koning Lodewijk), ook een paar schaatsijzers. Bij zijn overhaaste vertrek uit ons land kon in zijn achtergebleven garderobe, behalve staatsiegewaden en rouwkleding, ook een paar schaatsen worden aangetroffen. En hoewel een tocht naar Marken een prestatie is, er is altijd nog de Elfstedentocht, de roemruchte 200 kilometer lange tocht langs de elf Friese steden, die sinds 1909 wordt gereden. Als de conditie van het ijs dat tenminste toelaat. En hoe Hollands is het dan niet dat een Prins van Oranje deze ‘tocht der tochten’ uitrijdt? Dat gebeurde in 1986. Prins Willem-Alexander, die zich als ‘W.A. van Buren’ had ingeschreven, nam hiermee een risico met het oog op zijn imago. Want wat als hij de eindstreep niet zou halen? Een toekomstig koning moet altijd maar perfect zijn. Om de druk nog wat op te voeren was er pers bij aanwezig en stonden zijn ouders hem bij de finish op te wachten. Maar Willem-Alexanders deelname aan de Elfstedentocht liep uit op een triomf.

Lopen op het water

Willem-Alexander en bevroren water, dat is een combinatie. Want op het ijs heeft hij ook zijn toekomstige vrouw ten huwelijk gevraagd. Tijdens de persconferentie naar aanleiding van zijn verloving met Máxima Zorreguieta onthulde de toenmalige Prins van Oranje dat hij zijn huwelijksaanzoek had gedaan op de schaats. Het decor was de bevroren vijver achter het Huis ten Bosch, toen het paleis van zijn ouders, maar heel binnenkort dat van zijn eigen gezin. “Ik had een middagje vrij en vroeg Máxima mee te gaan schaatsen. We gingen naar de Hofvijver bij Huis ten Bosch en daar op het ijs, heb ik haar gevraagd of zij met mij wilde trouwen.” Zoals we weten heeft het meisje “ja” gezegd en is zij nu, naast de koning, onze koningin. Eén met gevoel voor Hollandse tradities, want tijdens dat interview vertelde ze ook dat ze de chocolademelk miste. Inderdaad, dat is ook een stuk van ons culturele erfgoed. Tijdens het feest aan de vooravond van hun huwelijk zongen Marco Borsato en Sita niet voor niets het lied Lopen op het water! Lopen op het water. Liefde op het ijs.

Geef een reactie