Geld sparen voor pensioen

Cisca Dresselhuys: ‘Een schamele fooi voor 20 dienstjaren’

Ik had een akkefietje met mijn pensioenfonds. Beter gezegd, met één van mijn pensioenfondsen, want ik heb er 2 (afgezien van de AOW). Dat komt doordat ik 2 werkgevers heb gehad in mijn leven. Dankzij dat tweede pensioen, heb ik , financieel gezien, een onbezorgde oude dag , want van de uitkering van de eerste zou ik niet kunnen leven. Dan was ik nu vaste klant bij de voedselbank en het Leger des Heils. Of nog erger, was ik dakloos en sliep onder een brug. En toch heb ik bij die eerste werkgever, een keurige krant,  maar liefst 20 jaar gewerkt. Daarvoor ontvang ik nu 124 euro pensioen per maand.  Een schamele fooi, mag je wel zeggen. 3 keer naar de supermarkt en het geld is op. Hoe kan dat, wilde ik na al die jaren wel eens weten.

Maar 3 jaar pensioenpremie betaald?

Dus ik stuurde een mail en kreeg na een week een duidelijk met behulp van AI gemaakt antwoord. Het kwam erop neer dat bij onderzoek was gebleken dat ik maar 3 jaar pensioenpremie had betaald bij die krant. 3 jaar? Terwijl ik er 20 jaar gewerkt heb. Ik begon er als 18-jarige in 1961 en vertrok er toen ik 38 was in 1981.

Niet meebetalen voor een pensioen

De enige verklaring, die ik kan bedenken voor deze vreemde gang van zaken, is, dat het in mijn beginjaren geen gewoonte was om jonge mensen, vooral vrouwen, in een pensioenfonds op te nemen. Met de blik van vandaag is het niet normaal dat ik daar blijkbaar pas op mijn 35-ste in het pensioenfonds ben gegaan. Had ik toen pas bewezen dat ik wel een blijvertje was? Dat moest je met vrouwen altijd maar afwachten natuurlijk, was de algemene gedachte in die tijd. Meisjes en vrouwen moesten eerst maar eens bewijzen dat ze geen eendagsvliegen waren, die snel gingen trouwen en kinderen krijgen, waarna ze voor altijd uit het arbeidsproces verdwenen.

Zover de inzet van de vakbond

Wat ik overigens wel vanaf dag één in die eerste baan moest doen, was lid worden van de vakbond. Dat werd mij door mijn chef duidelijk te kennen gegeven. Die bond heeft dus weinig tot niets voor mij gedaan op het gebied van mijn pensioen. Nu moet ik zeggen, dat ik in mijn jonge jaren niet bepaald geïnteresseerd was in zaken als pensioen. Ik had er een dagtaak aan mijn bazen ervan te overtuigen dat ze met mij geen kat in de zak gekocht hadden. Voordat ik was aangenomen had ik nog een waarschuwing van de hoofdredacteur gehad, dat journalistiek wel een ‘heel mooi vak was, maar niet geschikt voor jonge meisjes’. De Tweede feministische golf moest duidelijk nog beginnen.

Arbeidsvoorwaarden nu gelijk voor mannen en vrouwen

Ik heb toch maar eens een mail gestuurd naar de huidige hoofdredactie van de krant, waarvan ik zo’n minimaal pensioen krijg. Die krant is inmiddels in de sterke armen van een Belgische mediamagnaat beland. Daar stelde men mij gerust, tegenwoordig bestaat er geen enkel verschil meer tussen de arbeidsvoorwaarden van mannen en vrouwen. Iedereen gaat er nu, zodra er sprake is van een contract, in het pensioenfonds. Zelfs als dat op 18-jarige leeftijd zou zijn. Dat hebben we, meer dan 60 jaar later, toch maar mooi bereikt.

Cisca Dresselhuys begint haar journalistieke carrière bij het dagblad Trouw. Van 1981 tot 2008, als zij met pensioen gaat, is Cisca hoofdredacteur van het maandblad Opzij. Ze ontvangt diverse onderscheidingen waaronder de Mercur d’Or/LOF Prijs voor haar verdienste voor het tijdschriftenvak. Ook schrijft Cisca verschillende boeken, waaronder Drukker dan ooit Werken na je 65ste. Want van stilzitten na haar pensioen is geen sprake. Samen met Jan Slagter is zij te horen in de podcast De Geboden van Slagter en Dresselhuys en ze schrijft columns hier op MAX Vandaag.

(Foto: Shutterstock)

Geef een reactie