Wubbo Ockels

30 oktober 1985: Wubbo Ockels, de eerste Nederlander in de ruimte

Op 30 oktober 1985 vertrekt Wubbo Ockels met de spaceshuttle naar de ruimte, waardoor hij de ‘zwevende Hollander’ mag worden genoemd. Ockels vindt het leven zonder zwaartekracht heerlijk en geniet met volle teugen van zijn ruimtereis. In de ruimte ziet hij hoe kwetsbaar onze aarde is, waardoor hij zich na thuiskomst met hart en ziel inzet voor duurzaamheid en behoud van onze planeet.

Ockels is niet de eerste in Nederland geboren astronaut, maar wel degene met een Nederlands paspoort. De eerste in Nederland geboren astronaut is Lodewijk van den Berg die 6 maanden voor Ockels de ruimte ingaat. Hij emigreert naar de VS en neemt in 1975 de Amerikaanse nationaliteit aan. Na Ockels is André Kuipers de 2e Nederlander in de ruimte en dus de 3e in Nederland geboren ruimtevaarder.

“Vacature voor: bemanning Spacelab”

Wubbo Ockels wordt op 28 maart 1946 geboren in Almelo. Na de HBS studeert hij wis- en natuurkunde aan de Rijksuniversiteit Groningen, waar hij cum laude zijn doctoraalexamen behaalt. In 1977 werkt Ockels bij het Kernfysisch Versneller Instituut in Groningen.

“Toen ik dat las was het voor mij in 1 keer duidelijk: dit is het, dit is gewoon precies wat ik zoek. Ze moeten mij hebben, zo’n gevoel had ik”, zegt Ockels in het programma Andere Tijden over het moment dat hij in 1977 op het prikbord van zijn werk in Groningen een opmerkelijke advertentie uit de krant leest. “Vacature voor: bemanning Spacelab”. De natuurkundige voldoet aan alle eisen. Hij besluit zich aan te melden. Het is het begin van een traject dat eindigt met een reis in de ruimte. Het is een jongensdroom die werkelijkheid wordt.

ESA, de Europese ruimtevaartorganisatie, bouwt in de jaren 70 een ruimtelaboratorium, Spacelab. Het wordt gegeven aan de Amerikanen en als tegenprestatie mogen Europese wetenschappers mee de ruimte in. Ockels is gefascineerd door het idee dat hij in een volledig nieuwe omgeving komt en wetenschappelijke experimenten in de ruimte zal uitvoeren. Naast het feit dat hij voldoet aan alle eisen, past de baan bij zijn karakter. Ockels in Andere Tijden: “Ik had vanaf het begin het gevoel: veel beter dan mij kunnen ze niet vinden. Dat klinkt heel arrogant misschien, maar dat bedoelde ik niet op die manier, ik meende het oprecht. Ik had de advertentie gelezen en dacht: die technische kennis, die vaardigheden, die inzichten in experimentele natuurkunde en experimentele experimenten, ja dat moet haast wel.”

Ockels komt door de eerste procedure en behoort tot de 5 Nederlandse kandidaten van wie er 1 wordt geselecteerd. Ook andere Europese landen schuiven kandidaten naar voren, waardoor ESA uiteindelijk moet kiezen uit 52 geselecteerden. Een panel spreekt met de kandidaten, waarop ze een aantal proeven moeten ondergaan. Dan volgen medische en psychologische tests. Van de geselecteerden valt steeds de helft af, waardoor er 4 overblijven. Ockels gaat voor de 1e selectie naar Parijs, waar hij voor een technisch panel vragen moet beantwoorden. Hij weet alle antwoorden op de gestelde vragen. Uiteindelijk behoort Ockels tot de laatste 4, samen met een Duitser, een Zwitser en een Italiaan. De Duitser Ulf Merbold zal als 1e de ruimte ingaan in november 1983, Wubbo Ockels in oktober 1985. De Zwitser Claude Nicollier zal in oktober 1986 met de Challenger worden gelanceerd, maar vanwege de ramp met die Spaceshuttle vindt zijn eerste ruimtevlucht pas in 1992 plaats. Franco Malerba wordt de 1e Italiaan in de ruimte als hij met dezelfde shuttle Atlantis in juli 1992 wordt gelanceerd.

Ziekte en selectie

In de kring rond Ockels heerst aanvankelijk een wat sceptische houding ten aanzien van de kansen van de Nederlander om de ruimte in te gaan. Nederland draagt namelijk maar 2 procent bij aan het budget van ESA. Toch behoort hij tot de laatste 4. Ockels gaat in juli 1980 naar Houston in de staat Texas, om bij de NASA de opleiding tot astronaut te volgen. Het gezin Ockels verhuist naar Houston. Joos Ockels, de vrouw van Wubbo, vindt de periode in Amerika heerlijk, omdat haar man ’s ochtends naar zijn werk gaat en ’s middags weer thuis komt en er ’s avonds niet wordt gewerkt. Joos Ockels in Andere Tijden: “Dat heb ik in mijn verdere leven met Wubbo nooit meer meegemaakt.”

Wubbo Ockels en Joos

Wubbo Ockels met zijn vrouw Joos.

In Huntsville in de staat Alabama is de opleiding voor Spacelab gevestigd. In een zwembad leren de aanstaande astronauten om te gaan met gewichtloosheid. Ockels krijgt daar zijn eerste tegenslag, want hij krijgt de ziekte van Weil. Hij heeft hoge koorts, ontkent in het begin dat hij ziek is en wil ook niet naar het ziekenhuis. Als de koorts verder oploopt, valt Ockels flauw. Zijn vrouw stopt hem in de auto en brengt hem tegen zijn wil naar het ziekenhuis. Ockels wil zijn ziekte niet erkennen, omdat precies in die tijd de beslissing wordt genomen over wie als eerste mag vliegen. In het ziekenhuis verslechtert zijn situatie. Hij wil echter dat NASA niets te weten komt over zijn gezondheid. Later verneemt hij dat NASA van het begin van zijn ziekte op de hoogte is gehouden over het verloop.

In Huntsville staat een model van Spacelab waar alle experimenten worden gerepeteerd. Ockels oefent uren in het model, samen met de Duitse gegadigde Ulf Merbold, zodat alle experimenten in de ruimte probleemloos verlopen. ESA bepaalt wie als eerste van de 2 de ruimte ingaat. Voor de uitslag wachten ze met z’n tweeën in een kamertje op een telefoontje van ESA. Alvorens te zeggen wie als eerste met de spaceshuttle meegaat, vertelt de directeur-generaal van ESA aan de telefoon over het belang van een Europeaan in de ruimte. Hij complimenteert beiden dat ze zover zijn gekomen. Vervolgens vertelt hij dat de Duitsers een groot aandeel hebben in de Europese ruimtevaartorganisatie, wat voor een belangrijk deel de keuze heeft bepaald. Merbold zal als 1e gaan, Ockels volgt op een latere vlucht. Ockels is zeer emotioneel als hij verneemt dat hij een ruimtevlucht zal meemaken. Merbold reageert verbaasd want hij heeft verwacht dat Ockels als 1e mag vliegen en heeft aanvankelijk moeite om feest te vieren. Merbold en Ockels zijn vrienden en ’s avonds wordt er toch een feestje gevierd in het nieuwe huis van Ockels. Tijdens de vlucht van Merbold in 1983 fungeert Ockels als wetenschapper die verbinding houdt met de spaceshuttle.

Wubbo Ockels in de ruimte

Dan volgt eindelijk de vlucht van Ockels. Hij zal van 30 oktober tot en met 6 november 1985 in de ruimte verblijven, waar hij in Spacelab wetenschappelijke experimenten zal uitvoeren. Vlak voor zijn ruimtereis overdenkt hij zijn situatie. Ockels in Andere Tijden: “Hoe gevaarlijk vind ik dit, kan ik nog nee zeggen? Wat nu als de hoogste baas van NASA zegt dat er een probleem is en dat niet 1 op de 100 maar 1 op de 10 het risico is dat er iets fout gaat? Dan ging ik nog. En wat als het risico 1 op 5 is? Dan ging ik nog. En wat nu als je bijna zeker weet dat het misgaat? Ik kwam erachter dat ik die persoonlijke keuze niet meer had om nee te zeggen. Door die hele voorbereiding en die jarenlange training, je voelde de verantwoordelijkheid om aan het systeem mee te doen.”

Lancering Wubbo Ockels

Hij beschrijft hoe hij het moment van lanceren heeft ervaren. Ockels in Andere Tijden: “Je bent gespannen. Het is wild in het begin, je schudt heen en weer en er is heel veel herrie. Je wordt erg zwaar, je weegt 3 maal je gewicht. Maar het meest indrukwekkende is dat het zo erg snel gaat: eerst erg wild, dan worden na 2 minuten de raketten afgestoten en dan is het stil. Je bent heel zwaar en ziet door het raampje dat het buiten zwart wordt. Het zijn 8 minuten, dat is alles.”

Zijn vrouw Joos staat op een dak samen met de familie van de andere astronauten. Joos Ockels in Andere Tijden: “Je bent er erg van bewust dat het deze keer jouw man is. Nou, en dan gaat het ding omhoog. Het is spannend, het is angstig.” Als ze in januari 1986 weer thuis is, ontploft de spaceshuttle Challenger tijdens de lancering waarmee haar man de ruimte is ingeschoten. Alle inzittenden komen om het leven. Ze beseft zich dan meer dan ooit hoe een lancering kan misgaan en is zeer geschrokken.

Ockels in een interview met het Historisch Nieuwsblad: “In de ruimte zijn is fascinerend. De vrijheid die je voelt in zo’n zwevende toestand. Op aarde is alles zo zwaar, zo drukkend. Het was heel vreemd om ontkoppeld te zijn van de aarde. Het is opeens een bol waar je in anderhalf uur omheen draait. Dan zie je ook goed wat voor een oase het is, dat je zuinig moet zijn op die plek. Verder is zo’n vlucht gewoon heel erg hard werken. Een soort Olympische Spelen. Je moet in een heel korte tijd een stuk of 70 experimenten afwerken.” Ockels vindt het heerlijk in de ruimte. Hij zweeft er vaak rond in geitenwollen sokken en korte broek (“Dat doe ik voor alle Nederlandse vrouwen,” zegt Ockels in Andere Tijden) en luistert naar Purple Rain van Prince, Private Dancer van Tina Turner, Space Oddity van David Bowie en Rocket Man van Elton John. Ockels in een interview met NRC Handelsblad: “Ik keek voor het eerst door een raampje naar buiten op de klanken van Purple Rain. Het uitzicht kwam als een schok. Het was totaal onwerkelijk. Het hangt er een beetje van af welke richting je uit kijkt, maar het eerste wat ik zag was een spiegeling van het zonlicht in de atmosfeer van de aarde: het land was aardedonker, het water lichtte op en daar overheen lag een dunne, transparante laag atmosfeer. Bij dat beeld realiseer je je direct hoe onwerkelijk je situatie is. Je bent buiten de aarde, in het totale niets. Het is daar 200 graden onder nul, er is geen zuurstof, geen stikstof, geen lucht, geen geschiedenis, geen natuur. Alles wat leeft, is weg. Je hoort daar toch helemaal niet als mens, zwevend buiten die aarde. En als je de andere kant uitkijkt, is het pikzwart, met sterren in kleuren die je op aarde nooit zult zien: tinten oranje en paars. Dat Purple Rain ging op dat moment door merg en been. De muziek past heel goed bij zweven. Er zitten stukken in die bijna ritmeloos zijn. Stromende muziek, een vloed van klanken, een fontein, een waterval van geluid. Maar het is niet ritmisch. Ook dat klopte bij het zweven en rond die aarde vallen in een ruimteschip. Zonder zwaartekracht is er geen ritme.”

Leven in de ruimte en zwaartekracht

Ockels over bewegen en oriëntatie in de ruimte in Andere Tijden: “In de ruimte kun je jezelf schrap zetten. Maar dat doe je eigenlijk niet, je zweeft rond in een soort foetusstand. Je refereert je aan een bepaald onderdeel. Op aarde is er een onder en een boven maar dat is in de ruimte dus niet zo.” Ockels heeft een experiment gedaan met een collega die geblinddoekt in het midden van de ruimte in de spaceshuttle zweeft. Die is na een rotatie om zijn as zijn oriëntatie helemaal kwijt. Ockels in Andere Tijden: ”Op aarde weet je waar de dingen zijn gebleven maar in de ruimte is dat helemaal weg.”

De experimenten die Ockels en de andere astronauten uitvoeren, variëren van het maken van nieuwe metaallegeringen tot het gewichtloos bevruchten van paddeneieren. Ockels in het Historisch Nieuwsblad: ”Daarnaast waren we zelf proefkonijn. Je hele lichaam zit vol met elektroden, om te meten hoe het met je bloedhuishouding gesteld is, of je botten niet langzaam aan het ontkalken zijn, dat soort dingen. Gewichtloosheid is een hele prettige toestand, maar niet bepaald iets waar het menselijk lichaam op gebouwd is.” Ockels verblijft 7 dagen en 44 minuten in de ruimte en roteert 110 maal om de aarde.

Na de landing voelt Ockels lichaam zeer zwaar aan. Hij doet zijn gespen los en het voelt alsof hij in een lift staat die heel snel omhoog gaat. Ockels in NRC Handelsblad: “Toen ik weer op aarde was, was ik heel, heel zwaar. Onaangenaam zwaar. Ik vond mijn lichaam de eerste nachten akelig zwaar en slap, het voelde alsof ik in bed vastgeketend lag. Ik kon niet even overeind komen en van het bed af. Ik zat gevangen in dat lichaam en kon niet weg. In die eerste dagen ging ik vaak het zwembad in, om mijzelf onder water het gevoel van zweven terug te geven.” Dat heeft zijn beeld van de mens, hoe wij de kosmos zien en wat het verschil is tussen ruimte en aarde erg beïnvloed. Ockels in Andere Tijden: “Het beeld dat wij van de kosmos hebben, dus wat buiten de aarde is, is niet een kosmisch beeld, maar een aards beeld dat is beïnvloed door de zwaartekracht. Ik heb er een hypothese over: de basisgedachte is dat je van een mens niet kan verwachten dat hij een kosmisch beeld heeft, want de invloed van de aarde is zo sterk. En dat merk je als je vanuit de ruimte weer op aarde komt.” Die omstandigheden in de ruimte zijn van grote invloed op Ockels. Joos Ockels in Andere Tijden: “ Ja, vreselijk. Ik kreeg dus pas na de landing mijn man weer terug. Hij heeft veel meegemaakt en heeft leuke verhalen, dacht ik, maar, nou nee hoor. Hij was ver weg, we hadden weinig contact en ’s nachts ging hij naar beneden om in het zwembad te liggen. Het zwembad was de enige manier om nog een beetje te zweven. Hij had heimwee, hij vond het bed vreselijk, dat kleefde en was zwaar. Als je met Wubbo gaat zwemmen, zwemt hij niet, hij is altijd onder water ergens beneden.”

Ockels in Andere Tijden: ”In de ruimte zijn, is een hele mooie ervaring. De dwingende factor, de zwaartekracht, ben je kwijt. Je voelt je heel ontspannen, je hebt een soort vrijheid die je hier niet hebt. Ik zit hier vastgekleefd aan de stoel waarop ik zit. Toen ik terugkwam was dat wat ik zeer miste, dat je los kan komen van die plakkerigheid. In de ruimte kan je daar los van komen: je geeft jezelf een zetje en je gaat door.”

Duurzaamheid

Ockels heeft de hoop gehad op een 2e en misschien wel een 3e vlucht, maar dat is er nooit van gekomen. Na in de ruimte te zijn geweest, hebben sommige astronauten problemen zich weer aan het gewone leven op aarde aan te passen. Want als je in de ruimte bent geweest, wat moet je dan nog? Ockels heeft dat gevoel van zinloosheid niet en wordt voorvechter van duurzaamheid.

Veel mensen die in de ruimte zijn geweest, komen terug met een bepaalde zendingsdrang over het behoud van onze planeet en hebben zorgen over hoe slecht wij met onze aarde omgaan. En dat is niet zo gek: een astronaut zweeft in een relatief klein ruimtevaartuig dat hem of haar beschermt tegen de onherbergzaamheid van het heelal. Kijken ze door het ene raampje dan zien ze veel sterren en heel veel zwart. Kijken ze door het andere raampje dan zien ze de prachtige blauwe parel aarde, die roteert in dat onherbergzame, grote, koude, zwarte heelal en die ons tegen die onherbergzaamheid beschermt.

Die ervaring zorgt ook bij Wubbo Ockels voor een gevoel van zorgzaamheid en verantwoordelijkheid voor onze aarde. Na zijn terugkomst op aarde zet hij zich naast zijn werk als wetenschapper in voor duurzaamheid en het behoud van onze planeet. Ockels doet meerdere uitvindingen op dat gebied. Zo doet hij aan de Technische Universiteit in Delft onderzoek naar alternatieve energiebronnen en helpt hij studenten bij het bouwen van de zonneauto Nuna, die meerdere keren de World Solar Challenge wint, een wedstrijd waarbij auto’s op zonne-energie zo snel mogelijk van de ene naar de andere kant van Australië rijden.

World Solar Challenge

Daarnaast bedenkt en ontwikkelt Ockels het zeilschip Ecolution, een schip met tal van duurzame innovaties aan boord. Hij bedenkt de laddermolen, waarmee op grote hoogte windenergie kan worden gewonnen. Van 1987 tot en met 1989 presenteert Ockels tevens het populairwetenschappelijk programma Kijk-tv voor de TROS. Naar Wubbo Ockels is een planeet vernoemd, die om de zon draait tussen de planeten Mars en Jupiter, 9496 Ockels.

In 2008 wordt bij Wubbo Ockels een nier-tumor ontdekt. De tumor wordt verwijderd maar in 2013 wordt bij hem niercelkanker ontdekt, waaraan hij op 18 mei 2014 overlijdt. Wubbo Ockels is 68 jaar geworden. Zijn ruimtereis, zijn enerverende leven en zijn inzet voor duurzaamheid vormen een inspiratiebron voor velen.

Condoleanceregister Wubbo Ockels in de Space Expo.

Wubbo Ockels in het Historisch Nieuwsblad: “Als je vraagt of ik het over zou willen doen: onmiddellijk. De ruimte in is absoluut uniek.”

(Bron: Britannica.com, Scientias.nl, Telegraaf.nl, ESA.int, NOS.nl, Tedxarnhem.com, Historischnieuwsblad.nl, Anderetijden.nl, Wikipedia)

Lees ook: Apollo 11: mens op de maan. 

Geef een reactie