Blijvende crisis in het onderwijs

Deze week staat het programma in het teken van de onderwijscrisis.

Een almaar oplopend lerarentekort, plofklassen met bijna 40 leerlingen, een veel te vol takenpakket en slechte salarissen. Het is al jaren heibel in het onderwijs. Vooral in de randstad, en het wordt maar niet beter. Hoe kan het dat in een hoogontwikkeld en welvarend land als Nederland de onderwijscrisis maar niet wordt opgelost?

In het zuiden van het land zijn de scholen weer begonnen. Schoolleiders waren daar tot het laatste moment bezig hun teams compleet te krijgen. En dan maar hopen dat er geen griepgolf komt, want dan moeten klassen naar huis worden gestuurd.

Leerkrachten in basis- en voortgezet onderwijs zuchten onder een overvol takenpakket. Pesten, overgewicht, radicalisering, gebruik van sociale media, homoseksualiteit: het moet allemaal aan de orde komen. Naast basisvakken als geschiedenis, rekenen en taal. En dat in overvolle klassen met ook nog eens leerlingen met een leer- of gedragsstoornis. En met veeleisende ouders. Houd al die bordjes maar eens hoog als leerkracht.

Er wordt nu veel verwacht van zij-instromers. Zij switchen van beroep en gaan na een korte opleiding het onderwijs in. Het aantal zij-instromers verdubbelde dit jaar, zo bleek deze week. Maar een groot aantal haakt na een paar jaar af.

Hoe krijgen we het onderwijs goed op de rit? Meer geld voor hogere salarissen? Terug naar de onderwijskern en weg met al die extra maatschappelijke taken? Een ban op veeleisende ouders?