Josine Droogendijk: ‘Koningsdag in Dokkum: historie, ijs en een frisse nasmaak’
Publicatiedatum: 23 maart 2026
Terwijl Dokkum zich opmaakt voor de landelijke viering van Koningsdag 2026, neemt Josine Droogendijk de band tussen de Oranjes en Friesland in beschouwing. Wat maakt de relatie toch zo warm?
Friese stadhouders
De geschiedenis van het koningshuis brengt ons vaak naar Delft of Den Haag. Daar is ook alle reden toe, maar wie de stamboom van Willem-Alexander uitspit, strandt uiteindelijk in Leeuwarden. Niet Willem van Oranje, maar de Friese stadhouders zijn de directe voorvaderen van de koning. Of dit stukje historie tijdens de wandeling door de straten van Dokkum ter sprake zal komen, is nog maar de vraag. Wat we in ieder geval wél gaan horen op 27 april 2026, is de Friese taal. Tijdens het zingen van het volkslied, maar ongetwijfeld ook tijdens de vele ontmoetingen die de feestdag kenmerken. De Friezen zijn immers trots op hun taal.
Het zou zomaar kunnen dat Máxima met regelmaat een tolk nodig heeft. En de prinsessen ook. Koning Willem-Alexander spreekt weliswaar geen Fries, maar kan het wel verstaan. Naar eigen zeggen heeft hij dat te danken aan zijn vroegere voorliefde voor Friese radiozenders.
Pijn en ellende
Friesland is voor de koninklijke familie ook de provincie van sport en ontspanning. In 1986 reed de koning onder de schuilnaam ‘W.A. van Buren’ de Elfstedentocht uit in zijn inmiddels iconische Marlboro-jas. “De Friese aanmoedigingen hebben toen zeker geholpen”, zei hij daar later over. “Na afloop vergeet je alle pijn en ellende.”
Ook als het ijs gesmolten is, zoeken de Oranjes graag de Friese meren op. De Groene Draeck leent zich daar uitstekend voor. Op haar lemsteraak ontvangt prinses Beatrix met regelmaat vrienden en familie voor een dagje watersport en ontspanning. Een mand met lekkere broodjes, een fles wijn en een briesje: heel veel meer heeft Hare Koninklijke Hoogheid niet nodig. Als ze achter het roer van haar zeilschip staat, voelt ze zich helemaal vrij.
Blikken
De meest koninklijke link met Dokkum ligt echter op een heel ander terrein. De wereldberoemde Wilhelminapepermunt, die u vast ook weleens heeft gegeten, wordt al sinds 1892 geproduceerd door de Dokkumer suikerwerkfabriek Fortuin. Ooit werd het snoepje ontwikkeld als eerbetoon aan de jonge prinses Wilhelmina. Vandaag de dag is vooral Maria del Carmen Cerruti, de moeder van Máxima, fan van de pepermunt. En dan met name de mooie blikken waar ze in zitten. Tijdens een werkbezoek aan een kringloopwinkel verklapte Máxima glimlachend dat ze de blikken steeds moet kopen voor haar moeder, omdat zij ze spaart. Nu maar hopen dat er ter ere van Koningsdag 2026 ook weer een nieuw blik wordt verkocht.
Koningsdag in Dokkum
Alle signalen voor een geslaagde Koningsdag in Dokkum staan dus op groen. Toch krijgt de koninklijke familie ook dit jaar geen succesgarantie. Toen Koningin Beatrix in april 1982 haar verjaardag vierde in Harlingen, was de recensie in het Algemeen Dagblad namelijk vernietigend. De dag zou koud, kil, nat en slecht georganiseerd zijn. Hoewel er gehoopt was op 30.000 toeschouwers, kwamen er maar een paar duizend. Het is voor alle partijen te hopen dat het dit keer anders verloopt. Tijdens de perspresentatie op 17 maart jl. werd er gelukkig al met groot enthousiasme gesproken over een programma vol Friese trots, met muziek van Elske DeWall en demonstraties van kaatsen en skeeleren. Nu maar hopen dat het weer meewerkt.
Journaliste Josine Droogendijk schrijft blogs, vlogs en columns over koninklijke mode en ze schuift regelmatig aan bij Tijd voor MAX. Ze volgt de royals in binnen- en buitenland op de voet. Over de kledingstijl van koningin Máxima raakt Josine niet uitgesproken. Lees hier al haar columns.
(Foto: boven artikel Shutterstock, van prinses Beatrix ANP)



