Duur 04:20
Gepubliceerd op 11 april 2016

Deel 4: Zakgeld en kleedgeld

Hoe zet u zak- en kleedgeld in als middel in de financiële opvoeding van uw (klein)kind? Wat zijn de spelregels voor zak- en kleedgeld?

Zakgeld

De hoogte van het zakgeld hangt af van wat uw (klein)kind er allemaal van moet betalen. Is het bedoeld voor leuke dingen voor het kind zelf? Of moet hij/zij er ook van sparen of reserveren voor verjaardagscadeautjes? Dat is iets wat u van te voren moet vaststellen en met uw kind moet bespreken.

Spelregels 

Het Nibud heeft de volgende spelregels geformuleerd voor zakgeld:

  1. Zakgeld is een vast bedrag. Zo leren kinderen omgaan met een bepaald budget. Het heeft dus geen zin om kinderen extra geld toe te stoppen naast hun zakgeld. Ook niet als ze daar om vragen.
  2. Geef zakgeld op een vast tijdstip. Kinderen op de basisschool kunnen nog niet zo ver vooruit kijken. Zij hebben het meest aan een zakgeldbedrag per week. Vanaf de middelbare school kunnen kinderen langere perioden overzien. Je kunt het zakgeld dan eens per maand of eens per kwartaal geven.
  3. Op is op. Alleen dan leren kinderen echt keuzes te maken in de besteding van hun zakgeld.
  4. Maak afspraken over de besteding van het zakgeld. Wat moet uw (klein)kind van zijn zakgeld betalen en waar mag hij zelf over beslissen?
  5. Zakgeld is geen middel om te straffen of te belonen.

Kleedgeld

Veel (groot)ouders geven hun (klein)kinderen vanaf de middelbare school meer verantwoordelijkheid, ook op het gebied van geld. Kleedgeld past daar goed bij. Met kleedgeld moet een langere periode overbrugd worden dan met zakgeld, meestal een maand of een kwartaal. Ze leren hun uitgaven dus voor een langere periode te plannen en te reserveren voor bijvoorbeeld een dure winterjas.

Kleedgeldtips

  1. Spreek duidelijk af wat uw (klein)kind van het kleedgeld moet doen. Moet hij er bijvoorbeeld ook ondergoed, sportkleding en kledingreparaties van betalen? En hoe zit het met nette kleding voor speciale gelegenheden?
  2. Stel een termijn vast waarvoor u het bedrag afspreekt.
  3. Vertel uw kind dat het regelmatig geld opzij moet leggen voor een duurdere aanschaf, zoals een winterjas. Kinderen willen dat nog wel eens vergeten.
  4. Bepaal een vast tijdstip waarop u het kleedgeld geeft of overmaakt. Dat kan eens per maand zijn of per kwartaal, bijvoorbeeld wanneer u de kinderbijslag ontvangt.
  5. Overweeg of u (een deel van) het kleedbedrag op een bankrekening stort. Zo leert uw (klein)kind ook met een bankrekening om te gaan.

Uw (klein) krijgt de verantwoordelijkheid over klein bedrag per week (basisschool) of een groter bedrag per maand (middelbare school). Maak goede afspraken over de besteding van het geld. Hoe leert u een kind grip te krijgen op de financiën? Ga dan naar het volgende deel! Klik hier als u terug wilt naar het overzicht van de cursus.

Geef een antwoord

Bekijk ook

Meer