Ted van Essen: ‘Iedereen heeft wel eens stress, maar in de zorg nog vaker’
Publicatiedatum: 26 januari 2026
Arts zijn is een mooi vak en huisarts zijn het allerleukste. Vind ik tenminste. Ik heb het 40 jaar met heel veel plezier gedaan. Alhoewel ik al een tijdje ben gestopt, gebruik ik de titel nog altijd in mijn e-mailhandtekening. Tegenwoordig moet daar dan wel ‘niet-praktiserend’ bijstaan. Maar naast het mooie van het vak, hoor ik (huis)artsen en verpleegkundigen steeds vaker over stress.
Werken in de zorg vraagt veel van je
Huisartsen werken hard. De gemiddelde fulltime huisarts werkt 52 uur per week. Misschien is uw huisarts maar op 3 dagen per week in de praktijk aanwezig, maar meestal komt dat ook neer op een werkweek van 40 uur. Door nacht- en weekenddiensten, bijscholing, administratie, overleggen, lesgeven, wetenschappelijk onderzoek en besturen van artsenverenigingen. Die variatie maakt het werk divers en daardoor ook langer vol te houden.
Ondanks de bevrediging die de meeste artsen uit hun werk halen, hoor je ze ook steeds vaker over stress. Het werk is natuurlijk ook spannend. Je komt in aanraking met zaken van leven en dood. Dat gaat je niet in de kouwe kleren zitten. Ook zijn er vaak vacatures die niet of langzaam opgevuld worden. De bevolking wordt steeds ouder en heeft steeds vaker een chronische aandoening onder de leden.
Morele stress
Onlangs heb ik geleerd dat er bij medewerkers in de zorg ook een andere bron van overbelasting is: morele stress. Dat zal ik u uitleggen. De meeste artsen en verpleegkundigen hebben dat beroep gekozen omdat ze mensen willen helpen. En dat willen ze zo goed mogelijk doen. Maar soms lukt dat niet vanwege allerlei praktische belemmeringen. Onvoldoende tijd voor de patiënt is daar een van. Dan hoort de patiënt ‘ik kom zo bij u’, maar dat gebeurt dan niet omdat andere vragen voorrang krijgen. Of er is een lange wachtlijst voor specialistische hulp. Of de zorgverzekering vergoedt een behandeling niet, of pas na lang aandringen.
Daar begint de morele stress. De dokter wil de patiënt zo goed mogelijk helpen, maar het zorgsysteem zit dat in de weg. Bij verpleegkundigen speelt dat nog vaker: zij hebben vaak nog minder invloed op organisatorische belemmeringen, terwijl hun geweten dicteert dat ze het goede moeten doen. Dat gebrek aan autonomie, dus dat je zelf de baas bent over hetgeen moet gebeuren, leidt tot stress. Omdat je de eigen morele standaard niet haalt.
Onverschillig of boos
Als je als zorgverlener tijdig signaleert dat je stress daarmee te maken heeft, kun je dat aankaarten bij je collega’s of leidinggevende en aan een oplossing werken. Als je het negeert krijg je wellicht op den duur eelt op je ziel of constante boosheid op het systeem waarin je moet werken. Dat houd je niet vol en soms haken zorgverleners dan af en zoeken ander werk. Misschien is het goed om dat te beseffen als u eens een onverschillige of boze zorgverlener tegenkomt. Het is meestal geen onwil, maar onmacht.
Ted van Essen was tot 2016 huisarts in Amersfoort, thans is hij geregistreerd als arts (BIG-nummer: 49020200101). Hij is voorzitter van de Nederlandse Immunisatie Stichting en griepexpert. Daarnaast is Dokter Ted wekelijks te zien in Tijd voor MAX en is zijn expertise te raadplegen in Dokter Teds Spreekuur en MAX Medisch. Lees hier zijn columns.
(Foto: Shutterstock)



